Hoe je als vrijgezel het zelfvertrouwen opbouwt dat jij je prima kunt redden, zelfs tijdens onverwachte of oncomfortabele gebeurtenissen

 

 
 
 
Als vrijgezel moet je het uiteindelijk toch in je eentje zien te redden, zonder dat je daarbij kunt terugvallen op een partner. Hoeveel adviezen, steun of hulp je daarbij misschien ook van je omgeving krijgt.
Dat lukt jou alleen maar als je genoeg vertrouwen hebt dat je dat zelf (met vallen en opstaan) voor elkaar krijgt: anders ontmoedig je jezelf al voordat je bent begonnen, trek je jezelf steeds in twijfel, en geef je jezelf regelmatig op je kop dat je het niet goed genoeg of niet snel genoeg doet.
Genoeg zelfvertrouwen is dan ook een noodzakelijke voorwaarde om zelfredzaam te kunnen zijn als vrijgezel!

Maar hoe bouw je dat zelfvertrouwen eigenlijk op?
Nou, door het onderscheid te leren maken tussen dingen die je zelf niet kunt veranderen en dingen waar je zelf juist wel invloed op hebt.
Elke gebeurtenis (hoe oncomfortabel, ingewikkeld, hefig of ingrijpend ook) bestaat uit aspecten waar je geen invloed op hebt en uit aspecten waar je wel degelijk (een kleine) invloed op hebt.
Staar jij je blind op de onveranderlijke aspecten van een gebeurtenis, dan voel jij je een slachtoffer van de situatie: je voelt je machteloos, raakt gefrustreerd, raakt verbitterd, probeert wraak te nemen, of wacht de rest van je leven totdat een bepaald iemand eindelijk tot inkeer komt en zijn of haar excuses aanbiedt.
Richt jij je daarnaast ook op de beïnvloedbare aspecten van een gebeurtenis, dan krijg je hoop, ga je meer in je kracht staan, zie je steeds meer mogelijkheden om met de gebeurtenis om te gaan, en voel je meer en meer innerlijke rust.

Over het algemeen heb je geen invloed op mensen en dingen in je buitenwereld.
Een stoplicht springt bijvoorbeeld gewoon op rood, of je dat nou wel of niet wil. Mensen zijn zoals ze zijn: ze veranderen alleen maar als ze daar zelf achter staan. Kijk bijvoorbeeld maar naar (je) kinderen.
En op alles wat er in je verleden gebeurd is, heb je ook geen enkele invloed meer: je kunt je verleden niet meer terugdraaien of ongedaan maken.
Dingen en mensen die je niet (meer) kunt veranderen, kun je alleen nog maar leren accepteren. Daarmee bedoel ik: leren aanvaarden dat ze zijn zoals ze zijn, en dat ze een gegeven (een feit) zijn, hoeveel pijn dat jou misschien ook doet.
In plaats van te blijven ontkennen dat ze zo zijn, tegen beter weten in te blijven hopen dat ze alsnog veranderen, je maar te blijven verzetten tegen hoe ze zijn, jezelf of de ander maar verwijten te blijven maken, of maar te blijven fantaseren over hoe het anders had kunnen gaan.

Gebeurd is gebeurd, punt.
Maar gelukkig zijn er altijd ook nog wel aspecten waar je wel degelijk invloed of grip op hebt.
In ieder geval de manier waarop je zelf met de gebeurtenis omgaat.
Je kunt er namelijk voor kiezen om:

  • Jezelf een luisterend oor te bieden
  • Jezelf met raad en daad bij te staan
  • Jezelf de tijd en ruimte te geven om de gebeurtenis te verwerken
  • Onderscheid te maken tussen wat er feitelijk gebeurd is en hoe jij dat zelf interpreteert (we vullen zelf meer dingen in dan we denken)
  • Niet alleen te kijken naar wat er misging maar ook naar wat er goed ging
  • Niet alleen naar de nadelen te kijken maar ook naar de (kleine) voordelen
  • Jezelf het gebeuren niet onnodig persoonlijk aan te trekken
  • Jezelf niet onnodig de schuld te geven
  • Niet tegen jezelf te keer te gaan
  • Na te gaan welke behoeftes van jou door het gebeuren niet vervuld zijn (door deze onvervulde behoeftes voel jij je onprettig)
  • Andere manieren te zoeken om je onvervulde behoeftes alsnog te vervullen (hierdoor ga je eerder oplossingen en veranderingen aantrekken)
  • Ook naar je eigen aandeel in het gebeuren te kijken (dat plaatst alles meer in perspectief)
  • Het gebeuren ook door de ogen van de ander(en) te bekijken (dat neemt onnodige verwijten weg)
  • Te kijken op welke andere manieren je eveneens tegen het gebeuren aan zou kunnen kijken (daardoor krijg je meer zicht op nieuwe mogelijkheden en oplossingen)
  • Te kijken wat je van het gebeuren kunt leren
  • Te kijken welke nieuwe dingen je door dit gebeuren over jezelf te weten bent gekomen (tijdens onprettige gebeurtenissen leer je weer een hele andere kant van jezelf kennen dan tijdens prettige gebeurtenissen)
  • Te kijken in hoeverre je dit gebeuren zelf hebt aangetrokken (wat we uitstralen, bepaalt welke mensen en gebeurtenissen er op ons pad komen)

Daarnaast kun je er ook altijd nog voor kiezen hoe je in je buitenwereld gaat reageren op het gebeuren (wat je precies gaat zeggen en doen):

  • Geef je aan wat het gebeuren met je doet (hoe jij je daarbij voelt)?
  • Geef je aan waar je behoefte aan hebt?
  • Probeer je het gebeuren uit te praten?
  • Probeer je een gezamenlijke oplossing te vinden?
  • Kom je voor jezelf op?
  • Geef je jouw grenzen aan?
  • Trek je een streep “Tot hier en niet verder”?
  • Ga je dingen doen om de schade te beperken?
  • Ga je dingen doen om herhaling te voorkomen?
  • Ga je ervoor zorgen dat dit minder vaak kan gebeuren?
  • Ga je kijken wat je kunt doen om dit gebeuren de volgende keren draaglijker voor jezelf te maken?
  • Ga je met iets of iemand stoppen (bijvoorbeeld een andere afdeling, een ander bedrijf, een ander huis of een andere woonplaats)?
  • Ga je dingen op een andere manier aanpakken? Zolang je dingen op dezelfde manier blijft doen, houd je dezelfde soort resultaten en uitkomsten.
  • Ga je steun, hulp, advies of een luisterend oor zoeken bij anderen?
  • Richt jij je meer op je mogelijkheden en je kansen, in plaats van je steeds te laten weerhouden door de risico’s, gevaren en bedreigingen?

Dus je ziet het: er zijn hoogstwaarschijnlijk veel meer mogelijkheden dan je denkt als je jezelf alleen probeert te redden, en daarbij tegen onverwachte of oncomfortabele gebeurtenissen aanloopt.
En hoe meer van deze mogelijkheden je in de loop van de tijd leert te zien, hoe meer uitzicht op verandering je in dat soort situaties gaat krijgen, hoe hoopvoller en daadkrachtiger je wordt, en hoe meer vertrouwen je krijgt dat jij jezelf prima alleen kunt redden …
 

Van alleen op jezelf vertrouwen of alleen op andere mensen vertrouwen naar: op jezelf én op anderen vertrouwen

 

 
 
 
Eén deel van jou (je Krachtige Ik) is ervan overtuigd dat je maar beter op jezelf kunt vertrouwen: mensen maken misbruik van je zwakke punten, of benadelen jou, zodra ze de kans krijgen. En een ander deel van jou (je Beschermende Ik) is er juist van overtuigd dat je maar beter op andere mensen kunt vertrouwen: samen sta je sterk en andere mensen hebben ervaring met gebeurtenissen die voor jou nog (gedeeltelijk) onbekend zijn.

 
Tot nu toe heb je in jouw (vrijgezellen)leven hoogstwaarschijnlijk maar naar 1 van deze 2 delen in jezelf geluisterd.
Óf je doet alles zoveel mogelijk zelf en laat zo min mogelijk invloed van andere mensen toe. Met als gevolg dat jij je sterk, krachtig en autonoom voelt, en tegelijkertijd ook eenzaam, in de steek gelaten, uitgeput en overbelast.
Óf je vraagt geruststelling/bevestiging/advies/steun aan mensen om je heen, en zoekt houvast/duidelijkheid/stabiliteit/veiligheid in afspraken, (ongeschreven) regels, wetten, procedures, richtlijnen, een godsdienst, een levensbeschouwing of een levensfilosofie. Met als gevolg dat jij je gesteund, geaccepteerd en veilig voelt, en tegelijkertijd ook afhankelijk, sociaal verplicht, bang voor afwijzing en niet loyaal aan jezelf.

 
Zou het niet mooi zijn als je bij elke kleine of grote beslissing zelf kon kiezen of je op jezelf gaat vertrouwen of op andere mensen? Oftewel, naar welke van deze twee delen van jezelf jij op dat moment gaat luisteren?
Dat kan!
Het enige wat je daarvoor nodig hebt, is inzien en doorzien wat het verborgen belang is van je Krachtige Ik en je Beschermende Ik. Er is een reden waarom ze zich zo krampachtig vasthouden aan alleen maar op zichzelf of alleen maar op andere mensen vertrouwen! En zodra deze 2 Ikken beseffen wat de echte onderliggende reden is, gaan ze twijfelen of die reden wel terecht is, en beginnen ze ervoor open te staan om zowel op zichzelf als op andere mensen te vertrouwen.

 
Jouw Krachtige Ik wil zich de hele dag door sterk en krachtig voelen. En dat kan alleen door regelmatig grote uitdagingen aan te gaan en vaak de (woorden)strijd met andere mensen aan te gaan. Want pas als je geconfronteerd wordt met een grote uitdaging of met een krachtige tegenstander (iemand die tegenstand of een weerwoord geeft), moet je een beroep doen op je eigen kracht, en ontdek je of je sterk genoeg bent om die uitdaging of die tegenstander te overwinnen.
De (woorden)strijd met andere mensen aangaan lukt niet en heeft geen enkele zin als je vertrouwt op de goedheid van andere mensen. En dus maakt je Krachtige Ik jou de hele dag door wijs dat mensen het slecht met je voor hebben, en dat je de klos bent zodra je op hen vertrouwt. In plaats van jou aan te moedigen om eerlijk naar je intuïtie te luisteren of iemand wel of niet te vertrouwen is.
Door je Beschermende Ik meer ruimte te geven, merkt je Krachtige Ik dat er ook genoeg mensen zijn die jou wél geruststelling/bevestiging/advies/steun willen geven, dat het jou veel energie bespaart als je niet alles zelf hoeft te doen, en dat je altijd zelf in de gaten kunt blijven houden of mensen te vertrouwen zijn (door naar je intuïtie te luisteren, goed te luisteren naar wat mensen zeggen, goed door te vragen en hen desnoods uit te testen).

 
Je Beschermende Ik wil jou dolgraag beschermen tegen een pijnlijke afwijzing door de mensen om je heen en tegen het er niet meer bijhoren. Ze probeert dan ook continu te voorkomen dat je iets doet, zegt of nalaat wat verkeerd kan vallen bij andere mensen.
De veiligste manier die ze daarvoor kent is flexibel blijven: ervoor zorgen dat je loyaal blijft aan de mensen om je heen, en dat je in blijft spelen op hun (onuitgesproken) verwachtingen.
Jezelf flexibel aanpassen aan andere mensen lukt alleen zolang je jezelf niet teveel deelt en niet teveel profiel aannneemt: zolang je anoniem, onder de radar en onder het maaiveld blijft, en niet te zelfbewust wordt.
En om te garanderen dat jij jezelf niet teveel uit, niet teveel laat zien en niet te uitgesproken wordt, trekt ze al jouw opvattingen, meningen en behoeftes bij voorbaat in twijfel. Zodat jij te weinig zelfvertrouwen hebt om voor jezelf te gaan staan en om jouw grenzen aan te geven, en dus makkelijker mee kunt gaan in wat anderen van jou verwachten. In plaats van jou de ruimte te geven om je eigen opvattingen/meningen/behoeftes en de opvattingen/meningen/behoeftes van andere mensen tegen elkaar af te wegen.
Door je Krachtige Ik meer ruimte te geven, voelt je Beschermende Ik dat je sterker bent dan je zelf dacht, dat je sterk genoeg bent om met afwijzing om te gaan, en dat je dus gerust op jezelf kunt vertrouwen.
 

Hoe makkelijk trek jij ‘foute’ mannen of vrouwen aan?

 

 
 
Kom jij eigenlijk nooit een ‘foute’ man of vrouw tegen? Of loop jij de ene na de andere ‘foute’ man of vrouw tegen het lijf, met alle gevolgen van dien?
Op het moment dat je een ‘foute’ partner ontmoet, voelen bepaalde Ikken van jou zich meteen tot hem of haar aangetrokken. Terwijl andere Ikken hem of haar al gauw afkeuren en de deur willen wijzen.
Geef je één van je Ikken haar zin, zonder goed naar de mening van je andere Ikken te luisteren, dan krijg je in ieder geval een innerlijk conflict. Ook blijf je dan hoogstwaarschijnlijk onnodig lang bij een ‘foute’ partner, omdat je alle waarschuwingen van je andere Ikken in de wind slaat.
Ga je in plaats daarvan een innerlijke dialoog aan met je 9 Ikken en neem je op basis daarvan een beslissing waar ze zich allemaal in kunnen vinden, dan voel je innerlijke rust, ook als je voor een ‘foute’ partner kiest. En zodra die partner te ver gaat, trekken bepaalde Ikken aan de bel, en kun je op tijd jouw grenzen aangeven.

 
 
Dit is hoe jouw 9 Ikken tegen een ‘foute’ man of vrouw aankijken:

 

Een ‘foute’ man of vrouw komt bij mij niet verder dan de voordeur!

  • Jouw Perfecte Ik wil graag een plezierige relatie, met zo min mogelijk pijn en met zoveel mogelijk vrijheid.
    Zodra ze dan ook merkt dat jouw relatie haar teveel pijn, te weinig plezier en te weinig vrijheid oplevert, wil ze ermee stoppen.
  • Iets soortgelijks geldt voor jouw Harmonieuze Ik. Zij wil graag een gelijkwaardige, respectvolle, gezellige en harmonieuze relatie. En zodra ze merkt dat die gelijkwaardigheid en dat respect ver te zoeken zijn, en dat je relatie haar steeds (innerlijke) conflicten oplevert, heeft ze er geen zin meer in.
  • Jouw Verstandige Ik weet zich niet zo goed raad met haar emoties, want ze wil graag objectief blijven en haar hoofd erbij kunnen houden. Een ‘foute’ partner roept dan ook al gauw teveel emoties bij haar op, en ze neemt daarom al snel afstand van hem of haar. Ook is zelfredzaamheid essentieel voor haar, en ze laat zichzelf dan ook nooit afhankelijk maken van een ‘foute’ partner.

 

Een beetje ‘fout’ mag een partner van mij wel zijn hoor!

  • Jouw Perfecte Ik wil graag dat je relatie zo goed mogelijk is, en heeft een uitgesproken mening over wat een ‘goede’ relatie en een ‘goede’ partner is.
    In haar ogen is sowieso elke partner wel ‘fout’, want ze heeft strenge normen en eisen. Maar ook al irriteert zij zich aan alle imperfecties van je partner, het geeft haar wel voldoening om jouw partner en je relatie continu te verbeteren. Je partner mag wat haar betreft dan ook best wel wat ‘fout’ zijn: bijvoorbeeld een licht criminele inslag hebben, zodat ze hem of haar weer op het ‘rechte pad’ kan brengen.
  • Jouw Presterende Ik wil alles als een prestatie en als een succes zien, en dus ook je relatie. Aan een relatie die van een leien dakje gaat valt voor haar geen enkele eer te behalen. En zodra je partner een beetje ‘fout’ is, maar je Presterende Ik van te voren weet dat ze nog wel van hem of haar kan ‘winnen’, kan je Presterende Ik trots zijn op haar eigen prestaties tijdens je relatie. Ze zoekt dan vooral een partner die regelmatig dingen zegt of doet waardoor de relatie dreigt te mislukken, en die ze vervolgens toch weer zover weet te krijgen dat de relatie door kan gaan.

 

Een ‘foute’ partner heeft wel wat!

  • Jouw Behulpzame Ik wil continu een verschil, en het liefst hét verschil, maken in het leven van andere mensen. En hoe kan dat nou beter dan bij een (‘foute’) man of vrouw, die hele goede intenties heeft, maar tot zijn of haar eigen spijt en frustratie steeds weer terugvalt in het oude gedrag (bijvoorbeeld een verslaving)? Ze heeft dan ook de neiging om ‘probleemgevallen’ aan te trekken. En omdat mensen helpen in haar bloed zit en haar eerste natuur is, kunnen dat ook probleemgevallen zijn waarbij ze eigenlijk al van tevoren weet dat het helpen onbegonnen werk is: dan blijft ze ervan verzekerd dat ze nodig blijft voor haar partner en dat ze iets aan zijn of haar leven kan blijven toevoegen. Iemand die zichzelf kan redden, kan zíj namelijk niet meer redden.
  • Jouw Krachtige Ik wil continu voelen en zien hoe sterk ze is, door regelmatig voor iets te knokken en door regelmatig de (woorden)strijd met mensen aan te gaan. En de strijd aangaan is makkelijk voor haar, omdat ze ervan overtuigd is dat mensen zonder enige twijfel misbruik maken van haar zachtheid, mildheid en zwakheden, en dat het recht van de sterkste geldt.
    In relaties heeft ze dan ook de neiging om mensen aan te trekken die (uiteraard!) niet te vertrouwen blijken te zijn, en met wie ze de strijd aan moet gaan. Ze kiest daarbij vaak mensen uit die een echte uitdaging voor haar zijn, en verliezen is voor haar geen enkele optie. Dit kunnen bijvoorbeeld gewelddadige partners zijn, partners die een meester zijn in manipuleren (daar heeft ze een bloedhekel aan, want ze heeft duidelijkheid nodig), partners die goed zijn in een psychologische oorlogsvoering, of een mannelijke of vrouwelijke ‘femme fatale’ (ze is dol op sex, omdat haar dat meteen veel energie, en soms ook een gevoel van macht, geeft).
  • Jouw Gevoelige Ik wil aan de ene kant graag een hele (fijn)gevoelige partner hebben, bij wie ze niet bang hoeft te zijn om afgewezen te worden, die veel diepgang heeft, en met wie ze een diepe emotionele band heeft. Maar helaas zijn dat in haar ogen toch ook vaak wel weer alledaagse en voorspelbare mensen. En ze houdt juist van mensen die anders zijn dan anderen, die spannend zijn, en die intense emoties bij haar oproepen. Ja, en in dat geval kom je al gauw bij een ‘foute’ man of vrouw terecht. Aan de ene kant baalt ze van de pijn die zo’n ‘foute’ partner bij haar oproept. En aan de andere kant komt ze juist door zo’n partner heel goed bij haar gevoel, heeft ze echt het gevoel dat ze leeft, en hoeft ze nooit bang te zijn dat alles voorspelbaar, vlak, oppervlakkig en een sleur wordt.

 

Ik wil die ‘foute’ mannen of vrouwen écht niet, maar trek ze toch aan!

  • Jouw Beschermende Ik wil jou beschermen tegen alle risico’s, en dus ook tegen alle ‘foute’ mannnen of vrouwen. Zodra ze gezien of gehoord heeft dat ze het risico loopt om hen tegen te komen, stelt ze zich dan ook in alle details voor hoe die partners zijn, wat ze jou kunnen aandoen en hoe je jezelf daar het beste tegen kunt wapenen. In haar hoofd ziet ze een ‘foute’ partner dan ook regelmatig voor zich, en alles waar je aandacht naar toegaat in je binnenwereld wordt groter in je buitenwereld. In plaats van jou te beschermen tegen ‘foute’ mannen of vrouwen door zich zo grondig mogelijk op hen voor te bereiden, trekt ze hen daardoor juist onbedoeld aan.
  • Jouw Genietende Ik en jouw Verstandige Ik proberen allebei weg te blijven bij emoties: je Genietende Ik bij onplezierige emoties en je Verstandige Ik bij alle emoties. Zodra ze merken dat ze die emoties niet langer meer kunnen negeren, en dat het tijd wordt om ze serieus te nemen, weten ze niet goed hoe ze bij die emoties moeten komen want dat hebben ze nog nooit geleerd. En ze kunnen dan een ‘foute’ partner aan gaan trekken, die hen telkens weer in hun emoties weet te brengen, en op zo’n manier dat ze er niet meer voor weg kunnen lopen.
  • Jouw Harmonieuze Ik houdt zich bij alles wat ze zegt en doet in, uit angst voor conflicten met mensen om haar heen. Zodra ze merkt dat ze zichzelf daardoor steeds meer wegcijfert, steeds onzichtbaarder wordt en zichzelf kwijt begint te raken, kan ze daar zelf niet goed verandering meer in brengen omdat ze nooit geleerd heeft om zichzelf te uiten. Ze kan dan een ‘foute’ partner aan gaan trekken die zo stellig is en zo over haar heen loopt, dat ze gedwongen wordt om zichzelf te uiten en haar grenzen aan te geven.
  • Het kan zijn dat een ‘foute’ man of vrouw zo ver afstaat van de normen en waarde van jouw Perfecte Ik, dat ze niets met hem of haar te maken wil hebben. En dat zij tegelijkertijd een zelfde soort karaktereigenschap heeft als die ‘foute’ man of vrouw, maar dan in een veel minder extreme vorm. Die eigenschap in zichzelf vindt ze zo fout, dat ze die zo goed onderdrukt dat ze ‘m totaal niet meer lijkt te hebben. Maar hoe meer je iets in je binnenwereld onderdrukt, hoe meer je het gaat tegenkomen in je buitenwereld. En ‘foute’ partners kunnen haar een karaktereigenschap zo extreem terugspiegelen, dat ze die wel onder ogen móet zien: eerst bij de ander en daarna bij zichzelf.

 

Waarom trek ik toch steeds een ‘foute’ man of vrouw aan?

 

 
 
Van diverse vrijgezellen krijg ik de vraag: “Waarom trek ik toch steeds een dominante, oneerlijke, controlerende, beperkende, agressieve en ‘foute’ man aan, die in het begin zo lief is?”.
En uiteraard had dit ook de vraag kunnen zijn: “Waarom trek ik toch steeds een dominante, oneerlijke, controlerende, beperkende, agressieve en ‘foute’ vrouw aan, die in het begin zo lief is? “.

Uiteraard wil jij als Bewuste Ik geen dominante, oneerlijke, beperkende, controlerende, agressieve en ‘foute’ man.
En een ontmoeting met zo’n man kan jou veel ellende en pijn bezorgen. Daarover bestaat geen enkele twijfel.
Tegelijkertijd bepaalt in mijn ogen niet jouw Bewuste Ik maar jouw Onbewuste Ik welke mensen en welke gebeurtenissen jij aantrekt.
Met je “Onbewuste Ik” bedoel ik het deel van jezelf waar jij je nog niet (helemaal) bewust van bent.
En je Onbewuste Ik kiest er blijkbaar voor om jou regelmatig met zulke mannen in contact te brengen.

Niet om jou te straffen of omdat ze een hekel aan jou heeft. Integendeel! Want ze wil niets liever dan dat jij als Bewuste Ik zo goed mogelijk kunt overleven.
Maar omdat dit voor haar de enige manier is om jou te laten zien wat er in haar omgaat.
Net als jij wil ze graag gezien, gehoord, begrepen, erkend en gewaardeerd worden.
En omdat jij je niet van haar bewust bent, probeert ze zich via je buitenwereld aan jou te laten zien.
Net zolang tot je met haar de dialoog aangaat.

Eén mogelijkheid is dat zo’n foute man een flink uitvergrote spiegel is van wat je onbewust op kleine schaal met jezelf doet.
Dat je onbewust bijvoorbeeld eerst ook altijd even lief tegen jezelf doet. Maar dat je dan al gauw jezelf in de gaten houdt, onder controle houdt, boos toespreekt of inperkt.
Of dat je bijvoorbeeld onbewust van mensen houdt die ingaan tegen de maatschappij, tegen wat hoort, tegen burgerlijkheid of truttigheid, of tegen grijze muizen. En dan kan het zijn dat je onbewust van jezelf eist dat je altijd rebels bent, en dat je boos op jezelf wordt zodra je bij jezelf merkt dat jij je aanpast aan andere mensen.
Een manier om er achter te komen of zo’n soort man inderdaad een onbewuste spiegel voor jou is, is om ongecensureerd op te schrijven wat je zo’n soort man allemaal verwijt.
En om dan overal in die tekst “hij” te vervangen door “ik”, en eerlijk te kijken wat je dan op kleinere schaal bij jezelf herkent.
Mocht je dit gaan doen, neem daar dan uitgebreid de tijd voor, want dit kan aardig confonterend zijn.

Ook, of daarnaast, zijn er nog allerlei andere mogelijkheden.
Ik noem ze even kort en als jullie erom vragen ga ik volgende keren wel dieper in op een of meer van die mogelijkheden:

  1. Je Onbewuste Ik wil graag zichzelf en andere mensen verbeteren, en trekt daarom steeds mensen aan die ‘fout’ zijn.
  2. Je Onbewuste Ik wil graag een verschil maken in het leven van andere mensen, en trekt daarom steeds mensen aan die persoonlijk, maatschappelijk of sociaal gezien in de problemen zitten.
  3. Je Onbewuste Ik wil graag succesvol zijn, en probeert een succes te maken van relaties met moeilijke mensen.
  4. Je Onbewuste Ik wil graag intense emoties voelen, omdat ze vindt dat ze dan pas echt leeft. Daarom trekt ze steeds mensen aan die intense emoties bij je oproepen.
  5. Je Onbewuste Ik wil graag zelfredzaam zijn en alles wat je in je buitenwereld doet zorgvuldig voorbereiden en plannen. Daarom trek je steeds mannen aan die eveneens zelfredzaam zijn en graag controle over hun buitenwereld willen.
  6. Je Onbewuste Ik is ontzettend objectief en verstandelijk, maar verlangt diep in haar hart ook erg naar contact met haar subjectieve oordelen, meningen en emoties. Daarom trekt ze steeds mannen aan die door die objectiviteit heen kunnen breken, en oordelen, meningen en emoties oproepen.
  7. Je Onbewuste ik voelt zich onveilig, angstig en onzeker. Daarom trekt ze steeds mannen aan die heel sterk, zeker en onbevreesd zijn, en daarin kunnen doorschieten.
  8. Je Onbewuste Ik vind het heel leuk om het voor iedereen licht en luchtig te houden, en om mensen op te beuren. Daarom trekt ze steeds mensen aan die het zwaar hebben, of die zich vaak serieus, somber of verdrietig voelen.
  9. Je Onbewuste Ik is alleen bezig met plezier maken en lol trappen, maar verlangt er diep in haar hart ook erg naar om haar eigen pijn serieus te nemen. Daarom trekt ze steeds mensen aan die herinneringen aan haar eigen onverwerkte pijn en pijn in het hier-en-nu bij haar oproepen.
  10. Je Onbewuste Ik wil zich sterk en krachtig voelen, en zich door niets en niemand laten tegenhouden. Daarom trekt ze steeds mensen aan die een flink weerwoord geven, die zich niet gauw gewonnen geven, die een confrontatie en (woorden)strijd niet schuwen, die tegenwicht durven te geven en die aan jou gewaagd zijn.
  11. Je Onbewuste Ik houdt zich continu in om maar geen onrust en conflicten in de buitenwereld op te roepen. Maar ze verlangt er diep in haar hart ook erg naar om zichzelf ongecensureerd te uiten en te laten zien. Daarom trekt ze steeds mensen aan die haar met hun woorden en daden dwingen om profiel aan te nemen en grenzen aan te geven.

In de loop van de tijd kun je gaan merken dat je nog steeds zo’n soort man aantrekt, maar dat hij steeds minder onweerstaanbaar wordt voor je Bewuste Ik.
Dat betekent in mijn ogen dat er in je binnenwereld iets begint te verschuiven, en dat je bewust en onbewust steeds meer doorkrijgt dat zo’n man niet voor jou werkt.
Maar pas als dat soort mannen helemaal niet meer op je pad verschijnt, is je Onbewuste Ik er volledig van overtuigd dat zo’n soort man jou niets oplevert.
En om dat stadium te bereiken is het noodzakelijk om als Bewuste Ik eerlijk en respectvol in gesprek te gaan met je Onbewuste Ik over haar gehechtheid (of beter gezegd: verslaving) aan zo’n soort man …

 

Je boosheid is een onbewust signaal dat je meer invloed in je (vrijgezellen)leven wil

 

 
 
Boosheid is een emotie die in je omgeving meestal niet zo erg gewaardeerd wordt: als je bijvoorbeeld boos uitvalt naar je leidinggevende, partner, huisbaas of een winkelmedewerker dan maak je in je eigen ogen waarschijnlijk meer kapot dan je lief is.
Toch is boosheid een heel belangrijk signaal uit je binnenwereld: op de momenten dat je boos bent vind je onbewust dat je te weinig invloed hebt op jezelf, op je buitenwereld, of op jezelf én je buitenwereld.
Je wordt in je eigen ogen dan teveel beïnvloed door mensen, dingen of omstandigheden buiten je. Of door beperkingen en tekortkomingen van jezelf. Met als gevolg dat jij je kwetsbaar, onmachtig, machteloos of zelfs een slachtoffer voelt.

Je hebt te weinig invloed op jezelf (te weinig controle over jezelf). En bent er daardoor van overtuigd zijn dat je teveel beïnvloed wordt door je eigen fouten: dat je te vaak verkeerde dingen doet en dingen verkeerd doet, en daar last van hebt.
Of je vindt dat je door bemoeienis of veranderingen in je buitenwereld niet meer zelfstandig, zelfredzaam, onafhankelijk, vrij, jezelf, loyaal aan jezelf of succesvol kunt zijn.
Het kan ook zijn dat de sfeer of de reacties in jouw buitenwereld altijd bepalen hoe jij je voelt. En zodra iemand in jouw ogen de sfeer verpest of verkeerd reageert, vind je dat hij of zij niet alleen onrust in jouw buitenwereld veroorzaakt maar ook nog eens onrust in jouw binnenwereld.

Onbewust maken deze dingen je boos.
En als reactie daarop probeer je onbewust nog meer controle over jezelf en/of je omgeving te krijgen.
Door nog strenger naar jezelf te worden.
Door je omgeving nog duidelijker te maken dat er niet met je te sollen valt, en dat jij je door niets en niemand tegen laat houden.
Door nog meer het goede voorbeeld te geven, in de hoop dat anderen je voorbeeld zullen volgen.
Of door heel subtiel de dingen nog meer naar je hand te zetten.

Je boosheid is een onbewuste noodkreet naar jezelf toe: “Ik word nu teveel beïnvloed en wil meer invloed hebben!”.
Onderdruk of negeer je die boosheid, dan onderdruk of negeer je een belangrijke behoefte van jezelf.
Dat wil niet zeggen dat je dan maar in woede moet uitbarsten. Dat je een heel offensief moet starten om jezelf en/of je omgeving alsnog naar je pijpen te laten dansen. Of dat jij je buitenwereld op een andere manier moet opzadelen met je eigen boosheid. Want op die manier kun je inderdaad meer kapot maken dan je lief is.
Het is genoeg om in je binnenwereld je boosheid aan jezelf toe te geven. En om deze boosheid serieus te nemen en er met jezelf over te praten.
Je boosheid is namelijk een onvervulde behoefte in je binnenwereld en niet in je buitenwereld. En een gevolg van je eigen norm in je eigen binnenwereld over jezelf of je buitenwereld. Hoe eerder je iets met je boosheid doet, hoe minder die boosheid opkropt, opstapelt en tot ontploffing kan komen.
Met andere woorden: Doe lief tegen jezelf, als er in jouw ogen iets kapot is aan jou of je buitenwereld …

 

Met een doelgericht onderbewustzijn kun je nooit ontspannen en brand je op

 

 
 
Als vrijgezel draai je (bijna) overal alleen voor op en heb je het elke dag erg druk.
Eens in de zoveel tijd heb je dan ook dringend behoefte aan ontspanning. Tenminste, dat denk je.

 

Wil jij eigenlijk wel echt ontspanning?

Jouw lichaam wil die ontspanning in ieder geval wel. En jouw bewustzijn ook: het deel van jouw geest dat de hele dag door waarneemt, denkt, voelt en beslissingen neemt. Dit is de kapitein van jouw lichaam.
Maar of jouw onderbewustzijn ook ontspanning wil, is nog maar de vraag. Jouw onderbewustzijn (ook wel “onbewuste” genoemd) is het deel van jouw geest dat alles op de automatische piloot doet, inclusief de aansturing van jouw lichaam. Ze is dan ook de stuurman van jouw lichaam.

 

Een opjuttend onderbewustzijn

Is jouw onderbewustzijn doelgericht, dan kan jij je ontspanning wel vergeten. Tijdens bijvoorbeeld het fietsen of hardlopen jaagt jouw onderbewustzijn je namelijk op om snel een bepaalde afstand af te leggen. Zelfs als jij je met jouw bewustzijn voorneemt om het dit keer nu toch echt eens rustig aan te doen. Na afloop ben je bekaf in plaats van uitgerust, en ga je vermoeid verder met de dagelijkse bezigheden die op jou liggen te wachten.
Zelfs tijdens het ‘niets doen’ zegt jouw onderbewustzijn al van te voren hoe lang jij mag blijven zitten. En als het even kan laat ze jou toch nog iets in weinig tijd doen: bijvoorbeeld het doorlezen van de krant of het checken van jouw mail, mobieltje of Facebook.

 

Het gevolg is uitputting

Het verraderlijke is dat het na afloop kan lijken alsof je weer volop energie hebt gekregen. Of dat je een bevredigend gevoel hebt overgehouden aan het halen van je doel.
Maar in werkelijkheid heb jij jezelf flink ingespannen in plaats van ontspannen. En daarna jut jouw onderbewustzijn je weer op dezelfde manier op tijdens jouw dagelijkse bezigheden.
Zodat je nooit even een moment hebt waarop je echt op adem komt, op krachten komt, je energie aanvult, en tot rust komt. En vroeg of laat komt er een moment dat je opbrandt.

 

Waarom jut ze jou op?

Jouw doelgerichte onderbewustzijn jut jou niet op omdat ze jou je ontspanning misgunt. Integendeel, ze doet het om jou te helpen.
Is ze een Krachtzoeker, dan wil ze jou uitdagen zodat je weer lekker in je energie en kracht komt. Ze stelt dan een ambitieus doel, dat op het eerste gezicht onhaalbaar is. Bijvoorbeeld een wel heel grote afstand of een wel heel krappe tijd tijdens het fietsen of hardlopen.
Is jouw onderbewustzijn een Succeszoeker, dan wil ze jou zoveel mogelijk successen bezorgen in een zo kort mogelijke tijd. Ze stelt dan een doel dat voor jou bij voorbaat al haalbaar is, maar dat voor andere mensen niet zo makkelijk haalbaar is. Bijvoorbeeld een marathon (die voor relatief weinig mensen weggelegd is) in een tijd die voor jou bij voorbaat wel haalbaar is.

 

Ga de dialoog aan met haar

Nogmaals, jouw doelgerichte onderbewustzijn heeft het goede met jou voor. Maar ondanks haar goeie bedoelingen put ze jou wel de hele dag door uit. Zodat je op een gegeven moment opbrandt, en zonder energie en kracht komt te zitten.
Door met haar de dialoog aan te gaan, gaat ze dat zelf ook inzien. Als ze een Krachtzoeker is, kun je haar leren inzien dat die ambitieuze doelen op korte termijn inderdaad energie en kracht opleveren. Maar op langere termijn juist niet.
En als ze een Succeszoeker is, kun je haar leren inzien dat ze niet is wat ze presteert. En dat ze dus niet elk moment van de dag hoeft te presteren.
En vanaf dat moment kun jij je eindelijk echt ontspannen! Lekker even helemaal niets doen en weer lekker energie bijtanken. Zodat je daarna weer met frisse moed verder kunt gaan met je bezigheden als vrijgezel …

 

Positief denken: doe het met mate én regelmatig

 

 
 
Als je als vrijgezel alleen maar ziet wat er mis gaat, wat er mis kan gaan en wat je mist, dan word je steeds ontevredener, bezorgder en ongelukkiger. Positief denken is dus onmisbaar voor een gelukkig vrijgezellenleven. Maar als je te vaak positief denkt, dan dringt het niet tot je door wat jou allemaal dwars zit. En daardoor verander jij niets aan de dingen waar je last van hebt.
Hieronder kun je zien wat de voor- en nadelen zijn van positief denken en op welke manieren je dat kan doen. Ook staat hieronder een tip om positief te denken zonder dat je last krijgt van de nadelen.

 

Manieren om positief te denken

Positief denken kun je op verschillende manieren doen:

  1. Relativeren (“Ach, zo erg is het toch ook weer niet”, “Het valt eigenlijk best mee”):
    Op het moment dat jou iets vervelends overkomt, is het voor jou iets heel groots. En hoe langer je er over blijft tobben, of hoe langer je in jouw ontevredenheid blijft hangen, hoe groter en zwaarder het wordt.
    Zodra je het te groot of te zwaar vindt worden, kun je de vervelende gebeurtenis weer wat meer in verhouding gaan zien:

    • Besef dat er in deze situatie ook nog ergere dingen hadden kunnen gebeuren
    • Besef dat deze gebeurtenis minder erg is dan enkele andere vervelende gebeurtenissen die jij in je leven hebt meegemaakt
    • Besef dat deze gebeurtenis minder erg is dan enkele (soortgelijke) gebeurtenissen van andere mensen: bijvoorbeeld dat diverse mensen in Afrika op dat moment meer honger hebben dan jij
  2. Op zoek gaan naar de voordelen:
    Hoe vervelender een situatie is, hoe meer zoeken het is. Maar zoals Johan Cruijff al zei: “Ieder nadeel heb zijn voordeel”.

    • Tegen hoeveel pijn je ook aanloopt, je kunt er altijd iets van leren waar jijzelf of een ander iets aan heeft. Bijvoorbeeld hoe je het kan voorkomen, eerder aan kan zien komen, of ermee om kan gaan.
    • Door die vervelende ervaring kun jij je makkelijker verplaatsen in andere mensen die iets soortgelijks hebben meegemaakt. Je kunt er dan ook meer voor hen zijn en hen meer steunen.
    • Als je in staat bent om een vervelende gebeurtenis met andere mensen te delen, dan levert dat jou contact en gezelschap op. En misschien ook warmte, herkenning, diepgang of steun.
    • Een vervelende gebeurtenis kan jou uitnodigen om eens op een andere manier tegen dingen aan te kijken, om dingen op een andere manier te doen, of om dankbaarder te zijn voor dingen die je nu vanzelfsprekend vindt. Daardoor ontdek je nieuwe mogelijkheden.
  3. Er een grapje over maken:
    Als je een gebeurtenis vervelend vindt, dan blijf je maar op het spoor “Wat is dit toch vervelend zeg” zitten. En dat kan uitmonden in zelfmedelijden.
    Een grapje maken nodigt jou uit om dat spoor even tijdelijk los te laten, en om op een andere manier tegen de gebeurtenis aan te kijken. Zodra jijzelf of mensen om jou heen beginnen te lachen, voel jij ook even wat lichtheid, luchtigheid en opluchting. Zodat je er weer wat beter tegen kunt. Daarna kun je de gebeurtenis alsnog weer serieus nemen.

 

Voordelen

  1. Je ziet de gebeurtenis meer in perspectief of in een ander licht
  2. Je blijft niet hangen in jouw eigen gedachten of gevoelens
  3. Je doorbreekt de neerwaartse spiraal en je passiviteit
  4. Je kunt lichter en luchtiger met de vervelende gebeurtenis omgaan
  5. Je ziet eerder welke mogelijkheden je hebt om ermee om te gaan
  6. Je kunt de gebeurtenis makkelijker accepteren en een plekje geven

 

Nadelen

Als jij meteen en continu positief gaat denken bij een vervelende gebeurtenis, dan concentreer jij je uitsluitend nog op de positieve kanten van het verhaal.
Je staat er niet (lang) bij stil dat je deze gebeurtenis vervelend vindt en waarom.
Daardoor dringt het niet echt tot je door dat deze gebeurtenis je dwars zit.
Met als gevolg dat je geen enkele urgentie voelt om iets aan de situatie te veranderen. Je blijft dan ook langer in vervelende situaties hangen. En situaties in je leven kunnen steeds meer verergeren en uit de hand gaan lopen. Tot een scheiding, ontslag of faillissement aan toe.

 

Tip

Nogmaals, met positief denken is helemaal niets mis. Het heeft grote voordelen, en is onmisbaar voor een gelukkig vrijgezellenleven. De vraag is alleen wanneer en hoe vaak je positief gaat denken.
Doe je het meteen en continu, dan besef je niet goed dat je een gebeurtenis vervelend vindt en waarom. Met als gevolg dat je de gebeurtenis niet serieus neemt, en geen enkele noodzaak voelt om er iets aan te veranderen.
Mijn advies is dan ook: wacht eerst even met positief denken, zodra je merkt dat je een gebeurtenis vervelend vindt. Neem eerst de tijd om tot je door te laten dringen dat je die gebeurtenis vervelend vindt en waarom. Ook al doet dat pijn. Door die pijn voel je namelijk de noodzaak om iets aan (jouw kijk op) deze gebeurtenis te doen. En zodra je er iets aan wilt doen, is positief denken een goede stimulans om in actie te komen. Ook geeft het je dan extra energie.
Zodra je eenmaal in actie bent gekomen, helpt het juist weer om te zien wat er nog ontbreekt om (jouw kijk op) de situatie te veranderen. En om te voorkomen dat je met onverwerkte pijn blijft rondlopen, kun je dan ook jouw ontevredenheid onder ogen zien. Tijdens dat proces kun je altijd terugvallen op positief denken.
Op de momenten dat de vervelende gebeurtenis jou even teveel wordt of dat je het even te zwaar vindt, geeft positief denken jou namelijk een stuk verlichting. Zodat je weer wat makkelijker vol kunt houden …
 

Alles zelf doen maakt jou niet alleen onafhankelijk en sterk, maar ook uitgeput en eenzaam

 

 
 
Ervoor zorgen dat je niemand nodig hebt, lijkt alleen maar voordelen te hebben. Toch heeft het ook enkele grote nadelen: je raakt steeds meer uitgeput, je stoot mensen ongemerkt af, en je kunt je steeds eenzamer gaan voelen.
Hieronder gaan we kijken wat precies de voordelen en nadelen zijn van alles zelf willen doen.
Daarnaast krijg je een tip om de nadelen van alles zelf doen te voorkomen. Gevolgd door een stappenplan.

 

Voordelen van alles zelf doen

Na een verbroken relatie of nadat je op jezelf bent gaan wonen, sta je er voor een groot deel alleen voor.
Natuurlijk, je kunt advies vragen bij vrienden en familie. Maar bij grote of belangrijke beslissingen ben jijzelf degene die uiteindelijk de knoop door moet hakken.
De verleiding kan dan groot zijn om ervoor te zorgen dat je niemand meer nodig hebt:

  1. Je bent onafhankelijk
  2. Je bent sterk
  3. Alles gebeurt op jouw manier
  4. Je hoeft geen rekening met andere mensen te houden
  5. Je hebt geen last van het gezeik van andere mensen
  6. Je hebt geen conflicten
  7. Je staat nooit met lege handen
  8. Je hoeft niemand (eindeloos) dankbaar te zijn
  9. Je staat bij niemand in de schuld
  10. Je voelt trots in plaats van schaamte
  11. Alles wat je bereikt heb je aan jezelf te danken

 

Nadelen van alles zelf doen

Je raakt steeds meer uitgeput

Alles zelf doen kost veel energie en tijd. Niet alleen het doen zelf. Maar ook het opdoen van genoeg kennis en vaardigheden, de voorbereiding, en de omgang met tegenslagen. Hoe meer tijd het je kost, hoe minder tijd je overhoudt om dingen te doen die je energie geven. En hoe meer energie het je kost, hoe uitgeputter je raakt.
Als je daarnaast ook nog eens jouw eigen draagkracht overschat, of moeite hebt om je eigen grenzen en beperkingen onder ogen te zien, dan kan jij jezelf een burnout bezorgen.

Je stoot mensen ongemerkt af

Geloof het of niet, maar er zijn mensen in je omgeving die het heerlijk vinden om iets voor je te doen. Zonder bijbedoelingen. Bijvoorbeeld vrienden, familieleden, collega’s of buurtgenoten. In het begin zullen ze je regelmatig aanbieden om je te helpen. Maar als ze meerdere keren het deksel op hun neus hebben gekregen, denken ze op een gegeven moment bij zichzelf: “Dan zoekt ie het zelf maar uit”. Vooral als jij in hun ogen onaardig tegen hen deed. Die mensen bemoeien zich vervolgens steeds minder met je, nemen steeds minder contact met je op, en verdwijnen langzaam uit jouw leven. Waardoor jij wellicht bij jezelf denkt: “Zie je wel, andere mensen laten je altijd in de steek”. En je vervolgens nog meer dingen zelf gaat doen.

Je kunt je steeds eenzamer gaan voelen

Bij alles wat je zelf doet, ben je in je eigen gezelschap. Diverse vrijgezellen bloeien daarvan op. Andere vrijgezellen voelen zich daarentegen steeds eenzamer. Ze missen iemand om hen heen, iemand om mee te overleggen, en iemand om mee te praten. Doordat ze ongemerkt mensen afstoten (zie hierboven), komen ze nog meer in een isolement. Zodat ze zich nog eenzamer voelen.

 

Voorkom de nadelen

Alles zelf willen doen is prima.
Behalve als je moeite hebt om mensen om hulp te vragen, of om hulp van andere mensen aan te nemen.
Want dan kun je niet meer anders, en wordt het iets wat je van jezelf moet. Bij gebrek aan een alternatief.
Bij mijzelf was dat ook altijd zo, dus ik spreek uit ervaring.

Een alternatief is om even makkelijk bij andere mensen te leren aankloppen voor hulp als bij jezelf. LET OP: Ik zeg “even makkelijk” en niet “even vaak”. Want als je dit kunt, dan kan je alsnog besluiten om (vrijwel) alles zelf te doen.
Toch is er dan wel een groot verschil: je doet de dingen zelf omdat je dat graag wilt en er zelf voor kiest. Dus uit vrije keuze en vrije wil, en niet gedwongen omdat je geen andere mogelijkheid ziet. En op momenten dat het jou even wat teveel wordt, kan jij jezelf ontlasten door in dat geval even te vragen of iemand wil bijspringen.

Even makkelijk bij andere mensen aan kunnen kloppen voor hulp als bij jezelf levert jou dus verschillende dingen op: meer keuzevrijheid, meer tijd, meer energie, meer contacten en minder eenzaamheid.
Wel vraagt het van je dat jij jouw oordelen over om hulp vragen en over hulp aannemen gaat bijstellen.
En dat jij het ongemak leert verduren, op het moment dat iemand jou daadwerkelijk aan het helpen is.
Uit ervaring weet ik dat dit niet makkelijk is. Maar dat er wel een beloning tegenover staat: een gelukkiger vrijgezellenleven.
De keuze is nu aan jou …

 

7 stappen om andere mensen om hulp te leren vragen

Van nooit iemand om hulp vragen naar wel iemand om hulp vragen is een grote stap. Die stap kun je overbruggen door het heel rustig op te bouwen:

  1. Als je moeite hebt met het woord “hulp”, bedenk dan een woord dat je wat minder onprettig vindt klinken. Bijvoorbeeld: “assistentie”.
  2. Begin assistentie te vragen voor iets wat niet zo belangrijk voor je is, en wat je makkelijk zelf kan.
  3. Zeg tegen een bekende bijvoorbeeld: “Ik zoek iemand die met mij … kan … Weet jij iemand?”. Op die manier stel jij jezelf niet al te kwetsbaar op, en heb je waarschijnlijk minder last van een “nee” dan als je vraagt of die bekende jou kan en wil assisteren. De kans is groot dat die bekende de naam van iemand noemt, of aanbiedt om zelf te assisteren.
  4. Laat jezelf assisteren en verduur eerst het ongemak. Je loopt geen enkel risico, want als het nodig is kan je het alsnog zelf doen.
  5. Kijk tijdens de assistentie welke oordelen er automatisch bij jou naar boven komen over om hulp vragen en over geholpen worden. Bijvoorbeeld: “Als je hulp vraagt en aanneemt, ben je zwak”.
  6. Als het ongemak tijdens de assistentie groter is dan de eenzaamheid, kun je assistentie vragen voor iets wat je nog onbelangrijker vindt, of voor iets wat je nog beter zelf kunt.
    Als het ongemak kleiner is dan de eenzaamheid, kun je assistentie vragen voor iets wat een beetje minder onbelangrijk voor je is, of voor iets wat je een beetje minder goed zelf kunt.
    Doe vervolgens weer stap 3 t/m 6.
  7. Ga hiermee door totdat assistentie vragen jou steeds makkelijker afgaat. Door je oordelen over om hulp vragen en over geholpen worden bij te stellen, wen je er steeds sneller aan.
  8.  

Welke invloed wil jij op jouw omgeving hebben?

 

 

 
Als vrijgezel heb jij meer met de keizers op de plaatjes gemeen dan je in eerste instantie misschien denkt.
Net als hen heb jij namelijk ook een keizerrijk: een aantal plekken op deze wereld waarop jij een stuk(je) invloed hebt.
In ieder geval heb je een klein keizerrijk: je eigen huis of flat. Hierin bepaal jij wat er wanneer gebeurt, zonder dat een partner hoeft mee te beslissen. Wel moet je bij jouw beslissingen misschien rekening houden met je kind(eren), huisdier(en) of omwonenden.
En waarschijnlijk bestaat jouw keizerrijk ook uit een aantal plekken buitenshuis waar je iets in de melk te brokkelen hebt: bijvoorbeeld je werk, je sportclub, je woonwijk, je woonplaats, je vereniging of je bestuur.
De kans is groot dat je in beide gevallen niet alleen een stuk keuzevrijheid hebt, maar ook een aantal verplichtingen, plichten en verantwoordelijkheden.
 

Voorbeelden van jouw invloed en jouw keizerrijk

Door dingen te doen, en zelfs alleen al door je aanwezigheid, heb je meer invloed op je omgeving dan je nu misschien beseft:

  • Elke keer dat je tijdens verkiezingen stemt, breidt jouw keizerrijk zich tijdelijk uit tot je gemeente, Nederland of de Europese Unie.
  • Bij elke financiële bijdrage aan bijvoorbeeld kinderen, ouderen, zieken of dieren (bijvoorbeeld via een donatie aan een liefdadigheidsinstelling), bestaat jouw keizerrijk tijdelijk ook uit de mensen of dieren die jij ondersteunt.
  • Met elk telefoontje, mailtje of berichtje beïnvloed je de gedachtewereld en gevoelswereld van de mensen die je spreekt. En op dat moment zitten zij eveneens in jouw keizerrijk, op welke plek van de wereld zij ook zijn.
  • Alleen al door ergens binnen te stappen (bijvoorbeeld de trein of bus), verander je de waarneming van de mensen om je heen. En jouw uitstraling, woorden en gedrag hebben invloed op hun gedachtes en gevoelens. Op dat moment horen zij ook bij jouw keizersrijk.

 

Jij hebt altijd invloed, en dus ook altijd een keizerrijk!

Overal waar je komt, en elke keer dat je met mensen of dieren contact maakt, heb je invloed op je omgeving. Of je dat nou wel of niet door hebt, en of je dat nou wel of niet wilt.
Op elk moment van de dag bestaat jouw keizerrijk dus uit jouw huis of flat, en uit jouw omgeving van dat moment. Het is dan ook onmogelijk om geen enkele invloed op je omgeving te hebben!
En als je toch altijd al invloed hebt op je omgeving, dan kun je misschien net zo goed bewust kiezen wat voor invloed jij graag op jouw omgeving wilt hebben …

 

Een vraag die jij jezelf zou kunnen stellen, is wat jouw ideale keizerrijk is.

Hier zijn wat mogelijkheden:

  • Een harmonieus en rustig keizerrijk
  • Een energiek en krachtig keizerrijk
  • Een plezierig keizerrijk
  • Een veilig keizerrijk
  • Een objectief en redelijk keizerrijk
  • Een authentiek en gevoelig keizerrijk
  • Een succesvol keizerrijk
  • Een behulpzaam en zorgzaam keizerrijk
  • Een volmaakt keizerrijk

 

En de vervolgvraag aan jezelf zou kunnen zijn: “Hoe ga ik mijn keizerrijk veranderen, zodat ze steeds dichter bij mijn ideaal komt?”

  • Zal ik mezelf aansluiten bij een groep mensen om samen bepaalde dingen gedaan te krijgen (zoals bij een bestuur)? Of bepaal ik liever helemaal zelf wat ik ga veranderen (bijvoorbeeld op mijn eigen werkgebied)?
  • Ga ik mijn keizerrijk veranderen met behulp van wetten, regels, procedures en planningen? Of verander ik juist liever dingen spontaan en flexibel?
  • Neem ik graag zelf de leiding en het initiatief bij het veranderen van dingen? Of verander ik liever dingen als mensen of omstandigheden daarom vragen?
  • Wat vind ik tijdens het veranderen van mijn keizerrijk het belangrijkst: het einddoel of de weg ernaar toe?
  • Ga ik in mijn keizerrijk de dingen realiseren die nu nog ontbreken? Of bouw ik liever de dingen uit die nu al goed gaan?

 
Veel succes met het opbouwen van jouw ideale keizerrijk!