Van nature heb je als vrijgezel genoeg zelfvertrouwen

 

 
 
 
Van nature heb je als vrijgezel genoeg zelfvertrouwen om het leven aan te kunnen. En heb je dan ook geen enkele moeite met de nieuwe en onbekende gebeurtenissen die er in het Nieuwjaar aan zitten te komen.
Waarom jij van nature dat zelfvertrouwen hebt, en hoe dat in de loop van de tijd ongemerkt en in kleine stapjes veranderd zou kunnen zijn bij jou, lees je in dit artikel.

 

Van nature

Van nature weet je dat je jouw buitenwereld niet op jouw bevel kunt veranderen, en dat er in je buitenwereld dus altijd dingen kunnen gebeuren die je niet onder controle hebt.
Tegelijkertijd ben jij je er van nature ook van bewust dat jouw intuïtie je altijd vertelt of je iemand wel of niet kunt vertrouwen, en wat je op het moment zelf het beste kunt doen.
Daarnaast besef je dat hoe belangrijker iets voor jou is, hoe meer je iets nodig hebt of hoe grager je iets wilt, hoe groter jouw wilskracht wordt. En dat je dankzij jouw wilskracht altijd de moed en daadkracht kunt vinden om ergens voor te gaan waar je achter staat of in gelooft, en om met tegenslagen en teleurstellingen om te gaan op de weg daarnaartoe.
Je weet van nature dan ook dat je dankzij je intuïtie (jouw innerlijke weten) niet onzeker hoeft te zijn en dat je dankzij je wilskracht (jouw innerlijke kracht) niet bang hoeft te zijn.
En je voelt je daarom kalm en vol zelfvertrouwen in elke situatie …

 

Verandering 1

In de loop van de tijd (meestal al als kind) begin je te twijfelen of je wel altijd genoeg op jouw eigen intuïtie, wilskracht en capaciteiten kunt vertrouwen om met risico’s, gevaren, bedreigingen, tegenslagen en teleurstellingen om te gaan.
En als je niet meer genoeg op jezelf kunt vertrouwen, dan blijft er nog maar één mogelijkheid over: meer op andere mensen gaan vertrouwen.
Dus ga je op zoek naar andere mensen op wie je altijd kunt terugvallen als dat nodig is.
Je probeert vriendschap met hen te sluiten. En je zorgt ervoor dat je zelf ook betrouwbaar bent, zodat je vrienden ook altijd op jou kunnen terugvallen en graag bevriend willen blijven.
Jouw eerste vriendschappen probeerde je met je ouders/verzorgers op te bouwen. En tijdens deze verandering is elke keer dat je een vriend hebt uitgezocht die later jouw vertrouwen beschaamde, elke mislukte vriendschap, elke afwijzing in een vriendschap, elke keer dat je voor je gevoel zelf niet betrouwbaar genoeg was naar je vrienden toe, of het helemaal geen vrienden kunnen vinden een deuk in je zelfvertrouwen.

 

Verandering 2

Binnen elke groep mensen één of meer vrienden hebben geeft een geruststellend gevoel.
Maar het is nog geruststellender als een héle groep mensen achter je staat. Want samen ben je sterker en kun je meer bereiken dan alleen. En in een groep voel jij je veiliger als je in je buitenwereld tegen risico’s, gevaren, bedreigingen, tegenslagen of teleurstellingen aanloopt.
Dus wil je na verloop van tijd niet meer alleen vriendschappen hebben, maar jezelf ook aansluiten bij groepen. Ook al zou dat alleen maar zijn om een groep niet tegen je te krijgen.
Daarbij besef je op latere leeftijd goed dat een vriendschap of een groep (bijvoorbeeld je afdeling of je bedrijf) alleen maar kan blijven bestaan zolang iedereen (inclusief jijzelf!) een stuk verantwoordelijkheid neemt om er het beste van te maken.
De eerste groepen mensen waar je in terecht kwam, waren je ouderlijk huis en je scholen.
En tijdens deze verandering is elke keer dat je een groep hebt uitgezocht die later jouw vertrouwen beschaamde, elke afwijzing in een groep, en elke keer dat je voor je gevoel zelf niet genoeg verantwoordelijkheid nam een nieuwe deuk in je zelfvertrouwen.

 

Verandering 3

Betrouwbaar zijn en genoeg verantwoordelijkheid nemen is heel belangrijk om in een groep of vriendschap te mogen blijven. Maar helaas, je groepsleden (bijvoorbeeld je collega’s en je leidinggevenden, of je ouders) en je vrienden blijken (of lijken!) jou toch nog niet altijd te accepteren en goed te keuren. Iets wat erg aan je zelfvertrouwen knaagt.
Binnen jouw groepen en vriendschappen begin jij je daardoor nu toch wat onveilig te voelen.
Om nog meer afkeuring (kritiek, afwijzing of straf) te voorkomen, doe je er daarom nog een schepje bovenop en wil je graag loyaal aan hen allemaal zijn: je neemt niet alleen je eigen verantwoordelijkheden op je, maar probeert ook aan alle verwachtingen en eisen van je groepsleden en vrienden te voldoen. Ook als je dat eigenlijk liever niet zou doen, maar je ertoe verplicht voelt. Je houdt je bijvoorbeeld zoveel mogelijk aan alle (ongeschreven) regels.

 

Verandering 4

Na verloop van tijd merk je tot je schrik steeds vaker dat je niet meer de energie en de tijd hebt om alle verantwoordelijkheden, verplichtingen en beloftes na te komen. En dat je groepsleden of vrienden daardoor ontevreden of boos (kunnen) worden. Iets wat niet goed is voor je zelfvertrouwen, en wat je een onveilig gevoel geeft in je groepen en vriendschappen.
In de hoop dat het niet al teveel opvalt, doe je daarom een stapje terug met het nakomen van minder belangrijke verantwoordelijkheden, verplichtingen en beloftes, zodat je meer tijd en energie overhoudt voor belangrijkere verwachtingen en eisen.
Als het mensen wél opvalt en ze daarop reageren, schat je in (of test je uit) of ze misbruik van jou maken. In dat geval probeer je hen met pijn in je hart te laten vallen, zodat je meer tijd en energie overhoudt voor groepsleden en vrienden die wél betrouwbaar zijn.
Tijdens deze verandering is elke keer dat het iemand wél opviel, elke keer dat iemand misbruik van je (b)leek te maken, en elke keer dat het je niet lukte om het contact met iemand te verbreken (bijvoorbeeld met een dominant iemand) slecht voor je zelfvertrouwen.

 

Verandering 5

Op een gegeven moment begin je al die verwachtingen en eisen van je overgebleven groepsleden en vrienden, waar maar geen einde aan lijkt te komen, zat te worden: het wordt je gewoon teveel. En je besluit hen duidelijk te laten merken dat je niet op nóg meer verantwoordelijkheden, verplichtingen en beloftes zit te wachten.
Na al die tijd eindelijk eens goed voor jezelf opkomen geeft je weer lekker veel zelfvertrouwen en het gevoel dat je weer helemaal in je kracht staat.
Maar door al die opgekropte irritatie en frustratie komt alles wat je zegt er botter en zelfs agressiever uit dan je bedoeld had. Waardoor je tot je eigen schrik diverse groepen en vrienden kwijtraakt, die zo’n reactie niet gewend waren van jou en daarom niet pikken.
En om te voorkomen dat je op deze manier alle groepen en vriendschappen verspeelt, en er misschien zelfs vijanden bij krijgt, besluit je met tegenzin om jezelf dan toch maar weer weg te cijferen. Met als gevolg dat je groeiende zelfvertrouwen in één keer weer flink instort.

 

Verandering 6

Als je assertief bent en voor jezelf opkomt, dan pakt dat verkeerd uit, en raak je groepen en vrienden kwijt, zo heb je duidelijk gemerkt.
Maar je bent overduidelijk ook niet meer in staat om aan alle verwachtingen en eisen van je groepen en vrienden te voldoen, waardoor je ook weer vrienden en groepen kunt kwijtraken.
Je voelt je dan ook onbekwaam en minderwaardig, en hebt geen enkel idee meer hoe je met dit lastige dilemma moet omgaan. Met als gevolg dat je voor je gevoel voortaan niet meer op jezelf kunt vertrouwen en voortaan niet meer op eigen benen kunt staan.
En dus doe je voortaan maar onderdanig tegen de groepen en vrienden die jouw gezelschap nog wel dulden. Want als je nog meer fouten maakt, wordt je alsnog in de steek gelaten of verstoten, en blijf je eenzaam achter met al die risico’s, gevaren en bedreigingen om je heen.

 

Hoe nu verder?

Door jezelf weer te herinneren wat je van nature al beseft, weet en kunt (zie hierboven), maakt het jou voortaan niets meer uit dat er weer een Nieuwjaar is aangebroken met nieuwe en onbekende gebeurtenissen: je vertrouwt in elke situatie gewoon zoveel mogelijk op je intuïtie en je wilskracht, al dan niet met vrienden of groepsleden om jou heen …
 

Bepaal zelf hoeveel jij jezelf met andere mensen wilt delen door van je binnenwereld je ideale kasteel te maken

 

recognizable landmarks, listed on unesco list of world heritage sites.

 
 
 
Als vrijgezel heb je geen partner met wie jij lief en leed kunt delen. En je ontkomt dan ook niet aan de keuze hoeveel jij jezelf wilt delen met de andere mensen om je heen: familieleden, vrienden, kennissen, collega’s en onbekenden.
Want jezelf delen kan zowel spannend, ongemakkelijk, bedreigend of gevaarlijk zijn, als gezellig, fijn, bevredigend of verrijkend.
Om makkelijker de keuze te kunnen maken hoeveel privacy je graag wilt hebben en hoeveel informatie je graag met anderen wilt delen, kun je jouw binnenwereld zien als een kasteel met een muur, een kasteelpoort, een slotgracht en een binnenplaats.

 
Zo kan het zijn dat jij je tot nu toe als vrijgezel voorgenomen hebt om je binnenwereld zo min mogelijk met andere mensen te delen. Bijvoorbeeld omdat je teleurgesteld geraakt bent in andere mensen of omdat je jouw eigen privacy een groot goed vindt.
Jouw binnenwereld is dan als het ware een zwaarbewaakt fort.
Het heeft als ‘kasteel’ hoge en dikke muren met verschillende uitkijkposten, een kleine en goed gebarricadeerde kasteelpoort zonder raampjes die in principe altijd dicht is, een brede slotgracht met een aantal krokodillen erin om nieuwsgierige en opdringerige mensen op afstand te houden, en een grote hond op de binnenplaats die mensen weer naar buiten kan jagen zodra je hun gezelschap zat bent.

 
Het kan ook zijn dat jij je tot nu toe als vrijgezel juist voorgenomen hebt om je binnenwereld zoveel mogelijk met andere mensen te delen. Bijvoorbeeld omdat je graag met andere mensen alles wilt delen wat je anders met je partner had gedeeld. Of omdat je van diepgaande gesprekken houdt, of iets voor andere mensen wilt betekenen.
Jouw binnenwereld is dan als het ware een inloophuis. Het heeft als ‘kasteel’ lage en dunne muren zonder uitkijkposten, een grote en houten kasteelpoort met veel raampjes die in principe altijd open is, een smalle slotgracht waar iedereen makkelijk overheen kan stappen, en een gezellige binnenplaats met allerlei hapjes en drankjes.

 
Als vrijgezel bepaal je helemaal zelf hoe je jouw binnenwereld er als kasteel uit wilt laten ziet: je bent zelf de enige ontwerper van dit kasteel.
Daarbij maakt het helemaal niet uit voor welk kasteel je kiest. Geen enkel kasteel is beter of waardevoller dan een ander kasteel, en het is puur en alleen een kwestie van voorkeur. Zolang dit kasteel maar voor jóu werkt. Laat dus gerust je fantasie en je creativiteit de vrije loop!

 
Ook ben jij de enige sleutelbewaarder van jouw binnenwereld.
Want in tegenstelling tot je woonruimte is je binnenwereld iets wat niemand kan zien en waar niemand ongevraagd binnen kan komen.
Alleen op de momenten dat jijzelf de deur van je binnenwereld opent, kunnen mensen een glimp van je binnenwereld opvangen, En je bepaalt helemaal zelf wanneer en hoe lang je hen een inkijkje gunt, en hoever je hen in je binnenwereld toelaat.
Je binnenwereld is dus lekker je eigen domein, waarin je 100 procent controle hebt over wie je wanneer, hoe lang en hoe ver binnenlaat!

 
De vraag “Hoeveel wil ik mezelf delen met andere mensen?” kun je dan ook vertalen naar: “Ziet mijn binnenwereld er op dit moment uit als mijn ideale kasteel?”. Met andere woorden: “Hoe tevreden ben ik met de huidige muur, kasteelpoort, slotgracht en binnenplaats van mijn binnenwereld?”.

 
Zonder een partner heb je juist de gelegenheid om van je privacy te genieten: er is niemand die van jou verlangt of eist dat je deelt wat er in je omgaat, en je hebt genoeg tijd en ruimte om alles met jezelf te delen wat jou bezighoudt.
Wel loop je dan op den duur het risico dat jij je eenzaam gaat voelen, of dat je het gevoel krijgt dat jij er altijd helemaal alleen voor staat. Als dat gebeurt, zul je moeten leren om in een gesprek je binnenwereld stukje bij beetje te delen naar een ander toe, zodat de ander zich ook stukje bij beetje kwetsbaar durft op te stellen naar jou toe. Of om voor jezelf de gesprekspartner, steun en toeverlaat te worden die je zoekt.

 
Aan de andere kant heb je als vrijgezel juist ook de gelegenheid om jezelf met veel mensen te delen: je hebt geen partner die jij in gezelschap steeds aandacht hoeft te geven, en kunt jezelf daardoor extra open stellen voor nieuwe contacten.
Wel loop je dan het risico dat sommige mensen misbruik maken van de dingen die ze over jou horen, of dat ze jou maar een kwebbelkous vinden die alleen maar over zichzelf praat. Als dat gebeurt, zul je moeten leren om op je intuïtie te vertrouwen wie je hoeveel over jezelf kunt vertellen. En om in gesprekken niet alleen te zenden maar ook te luisteren, en af te wegen wat je met jezelf wilt delen en wat je met anderen wilt delen …
 

Hoe je de twee obstakels in je binnenwereld kunt overwinnen waardoor je de partner maar blijft mislopen die ergens op deze wereld op jou wacht

 

 
 
 
Kun je als vrijgezel maar geen leuke partner vinden, terwijl je daar al jarenlang erg je best voor gedaan hebt? Dan kan dat ontzettend frustrerend zijn, je heel onzeker maken en je na verloop van tijd bijna tot wanhoop brengen.
Het lijkt dan misschien alsof er voor jou gewoon helemaal niemand te vinden is. Maar tussen de bijna 7,5 miljard mensen op deze wereld en 17 miljoen mensen in Nederland zit gegarandeerd iemand die goed (of het beste) bij jou past. En als iemand goed bij jou past, dan pas jij goed bij hem of haar, en is de kans groot dat de liefde wederzijds is.
De partner die je zoekt is er dus sowieso! De vraag die overblijft is dan alleen nog waarom je die partner de afgelopen jaren nog niet hebt aangetrokken.

 
Dat je bewust écht heel graag een partner wilt en dat je écht je best gedaan hebt om een partner te vinden, daar twijfel ik niet aan.
Maar twee obstakels in je binnenwereld zijn in mijn ogen de doodsteek voor het vinden van een partner ergens op deze wereld: té graag een partner willen hebben (onbewuste verlatingsangst), of onbewust óók redenen hebben om nog even geen relatie aan te gaan (onbewuste bindingsangst).

 

Ik wil onbewust té graag een partner

 
Wil jij té graag een partner, dan klamp jij je (onbewust) meteen aan iemand vast zodra je hem of haar wel ziet zitten. Want na al dat lange zoeken lijkt je wachten dan toch eindelijk beloond te zijn! Je bent dan ook niet meer bereid om hem of haar weer te laten gaan. En het liefst wil je zoveel mogelijk bij ‘m zijn, en zoveel mogelijk dingen samen doen.
Vanuit jouw kant bekeken is dit heel begrijpelijk én goed bedoeld. Maar dat jij je aan iemand vastklampt, voelt hij of zij onbewust meteen aan, en dat kan heel benauwend, opdringerig, claimend of verstikkend aanvoelen. Vooral bij iemand die eerst even de kat uit de boom wil kijken, of die graag z’n eigen gang gaat.

 
Jouw eigen drang om iemand te vinden, en jouw eigen blijdschap en enthousiasme zodra je een leuk iemand gevonden hebt, werken dus averechts: voordat je het weet maakt je grote liefde weer rechtsomkeert en zet ie het weer op een lopen!
Daar bovenop ben je dan ook nog eens zo geforceerd bezig met een partner vinden, dat je teveel controle probeert uit te oefenen op de manier waarop je een partner vindt, en daardoor niet meer openstaat voor een spontane ontmoeting.
En daarnaast ben je dan zo bang om een slechte indruk op je aanstaande partner te maken, dat je niet meer spontaan kunt reageren zodra je hem of haar eindelijk wel tegen het lijf loopt.

 

Ik zie onbewust nog op tegen een relatie

 
Ook kun je nog bepaalde redenen zien om nog even geen relatie aan te gaan, zonder dat je het zelf doorhebt. Je ziet onbewust op tegen bepaalde nadelen van een relatie, of je bent bang om een relatie aan te gaan:

  1. Je twijfelt of je wel leuk, aantrekkelijk of goed genoeg bent om een partner te vinden én te houden
  2. Je wilt je niet afhankelijk van iemand voelen of niemand nodig hebben
  3. Je bent bang dat een relatie op den duur toch weer op een relatiebreuk of een scheiding uitloopt
  4. Je zit nog met een onverwerkt (liefdes)verleden, ongeuite gevoelens, onopgeloste problemen of onbereikte doelen
  5. Je vindt het moeilijk om je gevoelens naar een partner toe te uiten, om met de gevoelens van je partner om te gaan, of om jezelf te zijn in een relatie
  6. Je hebt weinig vertrouwen in mannen/vrouwen/mensen, of bent bang dat jouw vertrouwen in een partner (opnieuw) beschaamd wordt
  7. Je bent bang dat een relatie jou pijn of problemen gaat opleveren
  8. Je bent bang dat je door je verliefdheid of in een relatie de controle verliest
  9. Je hebt geen zin in de verplichtingen, beperkingen of verantwoordelijkheden van een relatie

 

De oplossing

 
Als je als vrijgezel graag een partner wilt, dan straal je dat in mijn ogen onbewust uit, en straal je ook uit wat voor partner je graag wilt hebben. En datzelfde geldt eveneens voor jouw aanstaande partner.
Jullie zijn dus allebei als het ware een menselijke magneet die elkaar energetisch gezien aantrekken. En het enige wat jullie hoeven te doen om elkaar te vinden is: luisteren naar jullie intuïtie, en openstaan voor alle mogelijkheden en kansen die op jullie pad komen.
Sterke magneten blijven elkaar namelijk aantrekken, hoeveel mensen, hoeveel dingen en welke afstand er ook tussen hen inzitten. Vroeg of laat komen jullie elkaar in mijn optiek dan ook vanzelf op de juiste plek én op het juiste moment ‘toevallig’ tegen.

 
Heb je onbewust ook redenen om nog even niet aan een relatie te beginnen, dan straal je in mijn ogen gelijktijdig uit dat je wél en géén relatie wilt hebben. Naar je aanstaande partner straal je dus tegenstrijdige signalen uit. Met als gevolg dat jij jouw aanstaande partner tegelijkertijd aantrekt én afstoot, en niet met hem of haar op dezelfde golflengte zit.
Zodat jij daardoor steeds (net) niet op het juiste moment op de juiste plek arriveert, en jullie elkaar maar bijven mislopen. Hoe dat kan gaan, en hoe lang dat kan duren, kun je heel mooi zien in de speelfilm “Serendipity” uit 2001, die ook op dvd te krijgen is.
Om daar wat aan te veranderen, is het nodig om open en eerlijk met jezelf in gesprek te gaan, en op die manier te ontdekken welke nadelen van relaties je ziet, welke angsten je hebt voor relaties, en wat je kunt doen om die nadelen en angsten blijvend bij jezelf weg te nemen.
Zodat je weer eenduidig uit gaat stralen dat je wel degelijk een relatie wilt, jij wel weer op dezelfde golflengte als je aanstaande partner komt, en jullie elkaar wel weer aan kunnen trekken.

 
Elkaar als een magneet aan kunnen trekken betekent zoals gezegd: luisteren naar jullie intuïtie, en openstaan voor alle mogelijkheden en kansen die op jullie pad komen. En dat gaat jou alleen maar lukken als jij niet te geforceerd en niet te geobsedeerd op zoek bent naar een partner, en dus niet té graag een partner wilt.
De reden dat je té graag een partner wilt, is dat je een partner geen fijne aanvulling op je toch al fijne leven vindt, maar dat je een partner nodig hebt omdat je iets in je leven mist. Met andere woorden, je zoekt een partner die jou of je leven heel maakt of compleet maakt.
De oplossing hiervoor is dan ook: in gesprekken met jezelf ontdekken wat je precies mist zolang je nog geen partner hebt, en leren om dat wat je mist aan jezelf te geven of aan mensen om je heen te vragen.
Zodra je van jezelf weet dat je ook zonder een partner in staat bent om je eigen behoeftes te bevredigen, heb je een partner niet meer per se nodig, en kun je een leuk iemand de tijd, ruimte en rust geven die hij of zij nodig heeft.
 

Hoe aantrekkelijk je bent hangt af van het uithangbord dat je als het ware altijd om je nek hebt

 

 
 
 
Krijg je als vrijgezel regelmatig aandacht van mannen of vrouwen, dan voel jij je aantrekkelijk en vind je het prima om vrijgezel te zijn.
Maar als je nauwelijks of geen aandacht van anderen krijgt, dan steekt dat. Onbewust ga je dan denken dat je onaantrekkelijk bent. Met als gevolg dat je jezelf minderwaardig kunt gaan voelen en dat je ervan baalt dat je nog steeds vrijgezel bent.

 
Ben je extravert (een doener of een prater), dan denk je dat mensen om je heen je uiterlijk, je gedrag of je maatschappelijke status onaantrekkelijk vinden. Ben je introvert (een denker, voeler, dromer of een idealist) dan denk je dat je karakter onaantrekkelijk is.
In beide gevallen is de kans groot dat je jezelf net zolang probeert te veranderen totdat je wél weer in de smaak valt bij andere mensen.
Als extraverte (op de buitenwereld gerichte) vrijgezel ga je dan bijvoorbeeld op zoek naar een ander kapsel, andere kleding, een slanker of gespierder lichaam, andere make-up, meer rijkdom, meer succes, een ander imago, of zelfs botox of cosmetische chirurgie.
En als introverte (op de binnenwereld gerichte) vrijgezel probeer je bijvoorbeeld vrolijker, spontaner, boeiender, zelfverzekerder of stoerder over te komen: door jouw karakter te veranderen (via boeken, trainingen of zelfkritiek) of door jezelf anders voor te doen dan je bent.

 
Soms lijkt je metamorfose een tijdje te helpen, en ben je blij met de aandacht die je nu eindelijk wél krijgt. Maar meestal is dit maar van korte duur en zijn je pogingen gedoemd om te mislukken. Ongeacht hoeveel tijd, energie en geld je er ook in stopt.
Want als vrijgezel straal je onbewust altijd uit wat je van jezelf vindt. Op elk moment van de dag heb je dus als het ware een uithangbord om je nek hangen met daarop ongezouten en ongecensureerd je eigen mening over jezelf!

 
Ben je ontevreden over jezelf, dan straal je dat onbewust uit in je buitenwereld, ongeacht hoeveel moeite je ook doet om dat te verbergen of te verbloemen. En dan staat er op je uithangbord om je nek met koeieletters: “Ik ben onaantrekkelijk: …”, met achter de dubbele punt al je negatieve oordelen over jezelf (zoals: “lelijk, saai, onzeker, verlegen en sloom”).
De mensen om je heen zien dat uithangbord (voelen onbewust aan wat je uitstraalt, en dus wat je over jezelf denkt), en gaan daar onbewust extra op letten. Met als gevolg dat ze dan ook eerder de negatieve dingen bij jou denken te herkennen die ze op dat uithangbord zien staan.

 
Het omgekeerde geldt ook. Ben je juist tevreden over jezelf, dan straal je dat onbewust uit in je buitenwereld, ongeacht hoeveel moeite je ook doet om dat te verbergen of te verbloemen. En dan staat er op je uithangbord om je nek met koeieletters: “Ik ben aantrekkelijk: …”, met achter de dubbele punt al je positieve oordelen over jezelf (zoals: “leuk, vriendelijk, boeiend, zelfverzekerd en grappig”).
De mensen om je heen zien dat uithangbord (voelen onbewust aan wat je uitstraalt, en dus wat je over jezelf denkt), en gaan daar onbewust extra op letten. Met als gevolg dat ze dan ook eerder de positieve dingen bij jou denken te herkennen die ze op dat uithangbord zien staan.

 
Als je het gevoel hebt dat je in welk opzicht dan ook onaantrekkelijk bent, neem dan eens de tijd om te kijken wat er op dat uithangbord zou kunnen staan dat jij op elk moment van de dag om je nek hebt hangen (oftewel: wat je van jezelf vindt, en dus onbewust ook altijd naar andere mensen toe uitstraalt).
Kijk daarna eerlijk met welke negatieve oordelen over jezelf je het echt eens bent. Want als je echt goed naar jezelf én naar die oordelen kijkt, dan blijkt die lelijke grote puist in je uiterlijk of in je innerlijk vaak maar een klein (en misschien zelfs wel schattig) pukkeltje te zijn.
En kijk vervolgens wat je nodig hebt om te aanvaarden dat je uiterlijk, je gedrag, je karakter en je maatschappelijke status op dit moment (en in jouw eigen ogen!) zo zijn.

 
Zodra je dat doet, verandert je uithangbord “Ik ben onaantrekkelijk: …” automatisch in het uithangbord “Ik ben aantrekkelijk. Punt!”.
Waarna je op een gegeven moment gaat merken dat mensen om je heen steeds positiever op je reageren. Zonder dat je jezelf daarvoor hebt hoeven uitsloven. En vooral ook: zonder dat je daarop uit was! Want je accepteert jezelf sowieso toch al, ongeacht wat andere mensen ook over je zeggen en hoe ze ook op jou reageren …
 

Als we andere mensen helpen, doen we dat onbewust ook altijd om er zelf beter van te worden

 

 
 
 
Als we andere mensen helpen, dan geloven we graag dat we dat puur en alleen voor de ander doen.
Dat we puur en alleen uit liefde, genegenheid of medeleven klaar staan voor anderen, en omdat we het hen zo gunnen.

 
Maar helaas, we zijn geen van allen zo onbaatzuchtig als we denken, hopen en zouden willen: zelfs moeder Theresa was in werkelijkheid niet onbaatzuchtig.
Want hoe erg we een ander misschien ook onze hulp gunnen, we helpen onbewust ook altijd omdat we er zelf beter van worden: mensen helpen vervult altijd één of meer behoeftes van onszelf.
Het ‘bewijs’ hiervoor is het fijne en bevredigende gevoel dat we aan helpen overhouden. Zou mensen helpen geen enkele behoefte van ons bevredigen, dan voelden we na afloop geen enkele bevrediging, bleven we met een onbevredigend gevoel achter, en zouden we er voortaan geen tijd en geen energie meer aan besteden.

 
Op het eerste gehoor klinkt “zelf beter worden van anderen helpen” erg ‘egoïstisch’ en ‘fout’: alsof we mensen alleen maar uit eigenbelang helpen, en onze hulp daardoor geen enkele waarde heeft. En dit besef is nou ook niet echt goed voor ons zelfbeeld en voor onze eigenwaarde, want het liefst zijn we 100% onbaatzuchtig.
Maar gelukkig ligt het iets genuanceerder: we helpen anderen over het algemeen omdat we het hen gunnen én omdat het ons een fijn gevoel oplevert. En zag nou zelf, wat is er eigenlijk op tegen als niet alleen anderen, maar ook wijzelf baat hebben bij de hulp die we geven?

 
Vooral dit kan andere mensen helpen ons onbewust opleveren:

  1. Het gevoel dat we iets bijdragen, iets toevoegen, een verschil maken, iets betekenen of er toe doen.
  2. Het gevoel dat we iets te bieden hebben, capabel zijn of competent zijn.
  3. Plezier of genot.
  4. Het gevoel dat we iets bereiken, succes hebben of ergens in slagen.
  5. Het gevoel dat we iets goeds doen, verbetering brengen in een situatie, of de wereld weer iets beter maken.
  6. Meer energie.
  7. Gezelligheid.
  8. Creativiteit.
  9. Diepgang of verdieping in onze sociale contacten.

 

Hoe je conflicten veroorzaakt door niets te zeggen en niets te doen wat conflicten kan veroorzaken

 

 
 
 
Als je onder mensen bent, is het altijd even oppassen wat je zegt en wat je doet. Want wat je zegt en wat je doet kan onbedoeld verkeerd uitgelegd worden of verkeerd vallen.
Vooral als je vertelt wat je voelt, vindt, wilt of denkt. En vooral als je iets wat jij doet of wilt, belangrijker maakt dan wat andere mensen doen of willen.
Het veiligste is dan ook om je binnenwereld zo min mogelijk te delen en om voor zo min mogelijk dingen te gaan.
Want hoe minder je zegt en hoe minder je doet, hoe minder conflicten je kunt krijgen. Toch?

 
Ja, dat zou je inderdaad zeggen hè.
Maar vreemd genoeg is het tegendeel waar!
Hoe minder je zegt en hoe minder je doet, hoe onzichtbaarder je wordt voor de mensen om je heen.
in eerste instantie vinden mensen dat wel prettig en makkelijk: je lijkt altijd stilzwijgend akkoord te gaan met alles wat zijzelf voorstellen, willen en vinden, en dus helemaal achter hen te staan.
Maar op een gegeven moment beseffen ze dat er iets niet klopt. Want iedereen heeft de hele dag door gevoelens, meningen, verlangens, gedachten en doelen. Jij hebt ze dus ook, zo weten ze. En tegelijkertijd merken ze dat jij er met geen woord over rept.
Daarnaast zijn er ook situaties waarin ze graag even willen weten wat jij voelt, vindt, wilt of denkt over iets. Zodat ze rekening met je kunnen houden, feedback krijgen of ze zelf wel op de goede weg zijn, door jouw kijk zelf op nieuwe ideeën komen, of een gezamenlijk probleem kunnen oplossen.

 
Door jouw gebrek aan profiel en aan zichtbaarheid worden ze onrustiger en onrustiger. Blijkbaar is er iets aan de hand, waardoor jij je in hun gezelschap in stilzwijgen hult. Vind jij het niet fijn om in hun gezelschap te zijn? Vertrouw jij hen niet? Hou jij misschien bewust wat achter? Of heb jij zelfs een verborgen agenda? Ze beginnen te piekeren, en krijgen maar geen grip op je.
Door die groeiende onrust worden ze steeds kriegeliger.
Ze gaan jou steeds meer vragen wat je voelt, vindt, wilt en denkt. Als dat niet helpt, gaan ze in jouw ogen irritante dingen zeggen of doen om bij jou een reactie uit te lokken. En levert dat niets op, dan worden ze boos.
En daar heb je ineens het conflict dat je juist dacht te kunnen voorkomen, door niets te zeggen en niets te doen wat conflicten kan veroorzaken!
 

Van alleen op jezelf vertrouwen of alleen op andere mensen vertrouwen naar: op jezelf én op anderen vertrouwen

 

 
 
 
Eén deel van jou (je Krachtige Ik) is ervan overtuigd dat je maar beter op jezelf kunt vertrouwen: mensen maken misbruik van je zwakke punten, of benadelen jou, zodra ze de kans krijgen. En een ander deel van jou (je Beschermende Ik) is er juist van overtuigd dat je maar beter op andere mensen kunt vertrouwen: samen sta je sterk en andere mensen hebben ervaring met gebeurtenissen die voor jou nog (gedeeltelijk) onbekend zijn.

 
Tot nu toe heb je in jouw (vrijgezellen)leven hoogstwaarschijnlijk maar naar 1 van deze 2 delen in jezelf geluisterd.
Óf je doet alles zoveel mogelijk zelf en laat zo min mogelijk invloed van andere mensen toe. Met als gevolg dat jij je sterk, krachtig en autonoom voelt, en tegelijkertijd ook eenzaam, in de steek gelaten, uitgeput en overbelast.
Óf je vraagt geruststelling/bevestiging/advies/steun aan mensen om je heen, en zoekt houvast/duidelijkheid/stabiliteit/veiligheid in afspraken, (ongeschreven) regels, wetten, procedures, richtlijnen, een godsdienst, een levensbeschouwing of een levensfilosofie. Met als gevolg dat jij je gesteund, geaccepteerd en veilig voelt, en tegelijkertijd ook afhankelijk, sociaal verplicht, bang voor afwijzing en niet loyaal aan jezelf.

 
Zou het niet mooi zijn als je bij elke kleine of grote beslissing zelf kon kiezen of je op jezelf gaat vertrouwen of op andere mensen? Oftewel, naar welke van deze twee delen van jezelf jij op dat moment gaat luisteren?
Dat kan!
Het enige wat je daarvoor nodig hebt, is inzien en doorzien wat het verborgen belang is van je Krachtige Ik en je Beschermende Ik. Er is een reden waarom ze zich zo krampachtig vasthouden aan alleen maar op zichzelf of alleen maar op andere mensen vertrouwen! En zodra deze 2 Ikken beseffen wat de echte onderliggende reden is, gaan ze twijfelen of die reden wel terecht is, en beginnen ze ervoor open te staan om zowel op zichzelf als op andere mensen te vertrouwen.

 
Jouw Krachtige Ik wil zich de hele dag door sterk en krachtig voelen. En dat kan alleen door regelmatig grote uitdagingen aan te gaan en vaak de (woorden)strijd met andere mensen aan te gaan. Want pas als je geconfronteerd wordt met een grote uitdaging of met een krachtige tegenstander (iemand die tegenstand of een weerwoord geeft), moet je een beroep doen op je eigen kracht, en ontdek je of je sterk genoeg bent om die uitdaging of die tegenstander te overwinnen.
De (woorden)strijd met andere mensen aangaan lukt niet en heeft geen enkele zin als je vertrouwt op de goedheid van andere mensen. En dus maakt je Krachtige Ik jou de hele dag door wijs dat mensen het slecht met je voor hebben, en dat je de klos bent zodra je op hen vertrouwt. In plaats van jou aan te moedigen om eerlijk naar je intuïtie te luisteren of iemand wel of niet te vertrouwen is.
Door je Beschermende Ik meer ruimte te geven, merkt je Krachtige Ik dat er ook genoeg mensen zijn die jou wél geruststelling/bevestiging/advies/steun willen geven, dat het jou veel energie bespaart als je niet alles zelf hoeft te doen, en dat je altijd zelf in de gaten kunt blijven houden of mensen te vertrouwen zijn (door naar je intuïtie te luisteren, goed te luisteren naar wat mensen zeggen, goed door te vragen en hen desnoods uit te testen).

 
Je Beschermende Ik wil jou dolgraag beschermen tegen een pijnlijke afwijzing door de mensen om je heen en tegen het er niet meer bijhoren. Ze probeert dan ook continu te voorkomen dat je iets doet, zegt of nalaat wat verkeerd kan vallen bij andere mensen.
De veiligste manier die ze daarvoor kent is flexibel blijven: ervoor zorgen dat je loyaal blijft aan de mensen om je heen, en dat je in blijft spelen op hun (onuitgesproken) verwachtingen.
Jezelf flexibel aanpassen aan andere mensen lukt alleen zolang je jezelf niet teveel deelt en niet teveel profiel aannneemt: zolang je anoniem, onder de radar en onder het maaiveld blijft, en niet te zelfbewust wordt.
En om te garanderen dat jij jezelf niet teveel uit, niet teveel laat zien en niet te uitgesproken wordt, trekt ze al jouw opvattingen, meningen en behoeftes bij voorbaat in twijfel. Zodat jij te weinig zelfvertrouwen hebt om voor jezelf te gaan staan en om jouw grenzen aan te geven, en dus makkelijker mee kunt gaan in wat anderen van jou verwachten. In plaats van jou de ruimte te geven om je eigen opvattingen/meningen/behoeftes en de opvattingen/meningen/behoeftes van andere mensen tegen elkaar af te wegen.
Door je Krachtige Ik meer ruimte te geven, voelt je Beschermende Ik dat je sterker bent dan je zelf dacht, dat je sterk genoeg bent om met afwijzing om te gaan, en dat je dus gerust op jezelf kunt vertrouwen.
 

Hoe makkelijk trek jij ‘foute’ mannen of vrouwen aan?

 

 
 
Kom jij eigenlijk nooit een ‘foute’ man of vrouw tegen? Of loop jij de ene na de andere ‘foute’ man of vrouw tegen het lijf, met alle gevolgen van dien?
Op het moment dat je een ‘foute’ partner ontmoet, voelen bepaalde Ikken van jou zich meteen tot hem of haar aangetrokken. Terwijl andere Ikken hem of haar al gauw afkeuren en de deur willen wijzen.
Geef je één van je Ikken haar zin, zonder goed naar de mening van je andere Ikken te luisteren, dan krijg je in ieder geval een innerlijk conflict. Ook blijf je dan hoogstwaarschijnlijk onnodig lang bij een ‘foute’ partner, omdat je alle waarschuwingen van je andere Ikken in de wind slaat.
Ga je in plaats daarvan een innerlijke dialoog aan met je 9 Ikken en neem je op basis daarvan een beslissing waar ze zich allemaal in kunnen vinden, dan voel je innerlijke rust, ook als je voor een ‘foute’ partner kiest. En zodra die partner te ver gaat, trekken bepaalde Ikken aan de bel, en kun je op tijd jouw grenzen aangeven.

 
 
Dit is hoe jouw 9 Ikken tegen een ‘foute’ man of vrouw aankijken:

 

Een ‘foute’ man of vrouw komt bij mij niet verder dan de voordeur!

  • Jouw Perfecte Ik wil graag een plezierige relatie, met zo min mogelijk pijn en met zoveel mogelijk vrijheid.
    Zodra ze dan ook merkt dat jouw relatie haar teveel pijn, te weinig plezier en te weinig vrijheid oplevert, wil ze ermee stoppen.
  • Iets soortgelijks geldt voor jouw Harmonieuze Ik. Zij wil graag een gelijkwaardige, respectvolle, gezellige en harmonieuze relatie. En zodra ze merkt dat die gelijkwaardigheid en dat respect ver te zoeken zijn, en dat je relatie haar steeds (innerlijke) conflicten oplevert, heeft ze er geen zin meer in.
  • Jouw Verstandige Ik weet zich niet zo goed raad met haar emoties, want ze wil graag objectief blijven en haar hoofd erbij kunnen houden. Een ‘foute’ partner roept dan ook al gauw teveel emoties bij haar op, en ze neemt daarom al snel afstand van hem of haar. Ook is zelfredzaamheid essentieel voor haar, en ze laat zichzelf dan ook nooit afhankelijk maken van een ‘foute’ partner.

 

Een beetje ‘fout’ mag een partner van mij wel zijn hoor!

  • Jouw Perfecte Ik wil graag dat je relatie zo goed mogelijk is, en heeft een uitgesproken mening over wat een ‘goede’ relatie en een ‘goede’ partner is.
    In haar ogen is sowieso elke partner wel ‘fout’, want ze heeft strenge normen en eisen. Maar ook al irriteert zij zich aan alle imperfecties van je partner, het geeft haar wel voldoening om jouw partner en je relatie continu te verbeteren. Je partner mag wat haar betreft dan ook best wel wat ‘fout’ zijn: bijvoorbeeld een licht criminele inslag hebben, zodat ze hem of haar weer op het ‘rechte pad’ kan brengen.
  • Jouw Presterende Ik wil alles als een prestatie en als een succes zien, en dus ook je relatie. Aan een relatie die van een leien dakje gaat valt voor haar geen enkele eer te behalen. En zodra je partner een beetje ‘fout’ is, maar je Presterende Ik van te voren weet dat ze nog wel van hem of haar kan ‘winnen’, kan je Presterende Ik trots zijn op haar eigen prestaties tijdens je relatie. Ze zoekt dan vooral een partner die regelmatig dingen zegt of doet waardoor de relatie dreigt te mislukken, en die ze vervolgens toch weer zover weet te krijgen dat de relatie door kan gaan.

 

Een ‘foute’ partner heeft wel wat!

  • Jouw Behulpzame Ik wil continu een verschil, en het liefst hét verschil, maken in het leven van andere mensen. En hoe kan dat nou beter dan bij een (‘foute’) man of vrouw, die hele goede intenties heeft, maar tot zijn of haar eigen spijt en frustratie steeds weer terugvalt in het oude gedrag (bijvoorbeeld een verslaving)? Ze heeft dan ook de neiging om ‘probleemgevallen’ aan te trekken. En omdat mensen helpen in haar bloed zit en haar eerste natuur is, kunnen dat ook probleemgevallen zijn waarbij ze eigenlijk al van tevoren weet dat het helpen onbegonnen werk is: dan blijft ze ervan verzekerd dat ze nodig blijft voor haar partner en dat ze iets aan zijn of haar leven kan blijven toevoegen. Iemand die zichzelf kan redden, kan zíj namelijk niet meer redden.
  • Jouw Krachtige Ik wil continu voelen en zien hoe sterk ze is, door regelmatig voor iets te knokken en door regelmatig de (woorden)strijd met mensen aan te gaan. En de strijd aangaan is makkelijk voor haar, omdat ze ervan overtuigd is dat mensen zonder enige twijfel misbruik maken van haar zachtheid, mildheid en zwakheden, en dat het recht van de sterkste geldt.
    In relaties heeft ze dan ook de neiging om mensen aan te trekken die (uiteraard!) niet te vertrouwen blijken te zijn, en met wie ze de strijd aan moet gaan. Ze kiest daarbij vaak mensen uit die een echte uitdaging voor haar zijn, en verliezen is voor haar geen enkele optie. Dit kunnen bijvoorbeeld gewelddadige partners zijn, partners die een meester zijn in manipuleren (daar heeft ze een bloedhekel aan, want ze heeft duidelijkheid nodig), partners die goed zijn in een psychologische oorlogsvoering, of een mannelijke of vrouwelijke ‘femme fatale’ (ze is dol op sex, omdat haar dat meteen veel energie, en soms ook een gevoel van macht, geeft).
  • Jouw Gevoelige Ik wil aan de ene kant graag een hele (fijn)gevoelige partner hebben, bij wie ze niet bang hoeft te zijn om afgewezen te worden, die veel diepgang heeft, en met wie ze een diepe emotionele band heeft. Maar helaas zijn dat in haar ogen toch ook vaak wel weer alledaagse en voorspelbare mensen. En ze houdt juist van mensen die anders zijn dan anderen, die spannend zijn, en die intense emoties bij haar oproepen. Ja, en in dat geval kom je al gauw bij een ‘foute’ man of vrouw terecht. Aan de ene kant baalt ze van de pijn die zo’n ‘foute’ partner bij haar oproept. En aan de andere kant komt ze juist door zo’n partner heel goed bij haar gevoel, heeft ze echt het gevoel dat ze leeft, en hoeft ze nooit bang te zijn dat alles voorspelbaar, vlak, oppervlakkig en een sleur wordt.

 

Ik wil die ‘foute’ mannen of vrouwen écht niet, maar trek ze toch aan!

  • Jouw Beschermende Ik wil jou beschermen tegen alle risico’s, en dus ook tegen alle ‘foute’ mannnen of vrouwen. Zodra ze gezien of gehoord heeft dat ze het risico loopt om hen tegen te komen, stelt ze zich dan ook in alle details voor hoe die partners zijn, wat ze jou kunnen aandoen en hoe je jezelf daar het beste tegen kunt wapenen. In haar hoofd ziet ze een ‘foute’ partner dan ook regelmatig voor zich, en alles waar je aandacht naar toegaat in je binnenwereld wordt groter in je buitenwereld. In plaats van jou te beschermen tegen ‘foute’ mannen of vrouwen door zich zo grondig mogelijk op hen voor te bereiden, trekt ze hen daardoor juist onbedoeld aan.
  • Jouw Genietende Ik en jouw Verstandige Ik proberen allebei weg te blijven bij emoties: je Genietende Ik bij onplezierige emoties en je Verstandige Ik bij alle emoties. Zodra ze merken dat ze die emoties niet langer meer kunnen negeren, en dat het tijd wordt om ze serieus te nemen, weten ze niet goed hoe ze bij die emoties moeten komen want dat hebben ze nog nooit geleerd. En ze kunnen dan een ‘foute’ partner aan gaan trekken, die hen telkens weer in hun emoties weet te brengen, en op zo’n manier dat ze er niet meer voor weg kunnen lopen.
  • Jouw Harmonieuze Ik houdt zich bij alles wat ze zegt en doet in, uit angst voor conflicten met mensen om haar heen. Zodra ze merkt dat ze zichzelf daardoor steeds meer wegcijfert, steeds onzichtbaarder wordt en zichzelf kwijt begint te raken, kan ze daar zelf niet goed verandering meer in brengen omdat ze nooit geleerd heeft om zichzelf te uiten. Ze kan dan een ‘foute’ partner aan gaan trekken die zo stellig is en zo over haar heen loopt, dat ze gedwongen wordt om zichzelf te uiten en haar grenzen aan te geven.
  • Het kan zijn dat een ‘foute’ man of vrouw zo ver afstaat van de normen en waarde van jouw Perfecte Ik, dat ze niets met hem of haar te maken wil hebben. En dat zij tegelijkertijd een zelfde soort karaktereigenschap heeft als die ‘foute’ man of vrouw, maar dan in een veel minder extreme vorm. Die eigenschap in zichzelf vindt ze zo fout, dat ze die zo goed onderdrukt dat ze ‘m totaal niet meer lijkt te hebben. Maar hoe meer je iets in je binnenwereld onderdrukt, hoe meer je het gaat tegenkomen in je buitenwereld. En ‘foute’ partners kunnen haar een karaktereigenschap zo extreem terugspiegelen, dat ze die wel onder ogen móet zien: eerst bij de ander en daarna bij zichzelf.

 

Hoe makkelijk vraag jij andere mensen om hulp?

 

 
 
Vraag je andere mensen makkelijk om hulp, zonder erover na te hoeven denken? Moet je eerst een stuk weerstand in jezelf overwinnen voordat je iemand om hulp kunt vragen? Of eet je nog liever je schoen op dan een ander om hulp te vragen?
Zodra de gedachte in je opkomt om iemand om hulp te vragen, raken je 9 Ikken in rep en roer, en ontstaat er een innerlijke weerstand.
Hieronder zie je hoe de innerlijke dialoog tussen je 9 Ikken meestal verloopt. Zodat je de volgende keren makkelijker de knoop kunt doorhakken naar welke van de 9 Ikken je gaat luisteren.

 

Hulp vragen? Ja natuurlijk!

Eén Ik zegt meteen volmondig “Ja”, zodra je jezelf afvraagt of je wel of niet om hulp zult vragen:

  • Jouw Beschermende Ik heeft meer vertrouwen in andere mensen dan in jouzelf. Twee mensen weten en kunnen meer dan één, en een groep mensen weet en kan nog veel meer dan jij in je eentje. Zij is dan ook de grootste voorstander van mensen om hulp vragen.

 

Hulp? Kom op zeg, dat heb ik toch helemaal niet nodig!

Meteen daarna roepen een paar Ikken in je binnenwereld dat je juist helemaal geen hulp nodig hebt:

  • Jouw Harmonieuze Ik is gauw tevreden, vindt dat niets belangrijk genoeg is om je druk over te maken, en vertrouwt erop dat alles vanzelf wel goedkomt. Zij ziet dan ook geen enkele reden om andere mensen om hulp te vragen.
  • Jouw Perfecte Ik vindt dat andere mensen alles altijd op een andere manier of slechter doen dan zijzelf. Tijdens of na de hulp van andere mensen is ze dan ook altijd weer extra energie en tijd kwijt om hen te corrigeren. Ze doet daarom liever alles zelf, zodat ze zeker weet dat het meteen goed gebeurt.
  • En jouw Krachtige Ik vindt dat ze zelf sterk en energiek genoeg is om alles alleen te doen. Bovendien heeft ze er geen enkel vertrouwen in dat de mensen die haar helpen dat met goede bedoelingen doen.

 

Nou, alleen als het echt niet anders kan hoor!

Enkele andere Ikken zijn het er niet mee eens dat je geen hulp nodig hebt.
Ze geven toe dat je best wel wat hulp zou kunnen gebruiken, maar moeten daarvoor wel wat weerstand in zichzelf overwinnen:

  • Jouw Genietende Ik wil graag vrij en onafhankelijk blijven, en kan er niet tegen om met haar eigen beperkingen geconfronteerd te worden. Maar goed, als het leuke mensen zijn die jou komen helpen, en als we er met z’n allen een plezierige dag van maken, dan moet het maar.
  • Jouw Presterende Ik krijgt liever zelf alle eer en complimenten voor het bereiken van doelen. Maar met de hulp van andere mensen kan ze vaak wel grotere successen boeken. Dus nou ja, vooruit dan maar.
  • Jouw Gevoelige Ik vat elke “Nee” persoonlijk op en is dan ook bang dat ze afgewezen wordt als ze om hulp vraagt. Ook begrijpen andere mensen nooit precies wat ze wil en bedoelt, en krijgt ze dus ook nooit precies wat ze wil als ze om hulp vraagt.
    Maar als ze met de mensen die haar helpen kan praten over gevoelens en over diepgaande onderwerpen, dan laat ze zichzelf helpen zolang dat niet tegen haar gevoel indruist.

 

Nee hoor, vergeet het maar. Onder geen voorwaarde!

Een paar andere Ikken zijn het ermee eens dat je op zich wel wat hulp zou kunnen gebruiken. Maar ze vinden dat de nadelen hiervan absoluut niet opwegen tegen de voordelen:

  • Jouw Behulpzame Ik schaamt zich, en vindt het bijna vernederend, om mensen om hulp te vragen: ze wil juist dat mensen háár nodig hebben, en niet andersom. Bovendien, als mensen “Ja” zeggen tegen haar vraag om hulp, dan moeten ze voor haar iets doen of nalaten, en staat ze bij hen in de schuld. En als mensen “Nee” tegen haar zeggen, dan blijft ze met lege handen achter en voelt ze zich afgewezen.
  • Jouw Verstandige Ik wil zelfredzaam blijven en zelf genoeg juiste informatie verzamelen om alles alleen te kunnen doen.
    Ook kosten sociale contacten haar veel energie en tijd, en zit ze niet te wachten op de emoties, subjectieve meningen, verwachtingen en onredelijkheid van de mensen die haar helpen. En als ze alles zelf doet, kan ze zich volledig op haar gedachtewereld richten, zonder tussendoor steeds sociaal te hoeven doen.